23 januari 2017

Wie wordt opvolger van Abraham en Isaak?

Helemaal opgekleed en met zijn harige camouflage in geitenhuid is Jakob klaar voor de hoofdrol die hij gaat spelen als bedrieger. Het heeft iets van Vondel die zegt: “De wereld is een schouwtoneel, elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel”. Hier was de regie van het opgevoerde toneelstuk in handen van Rebekka.

camouflage,regie van rebekka,sjoemelgedoe,eersteling in het verbond,weinig belang aan goddelijke dimensie,fysiek sterk leiderschapGenesis 27,17-19: 17 Vervolgens gaf zij het smakelijke maal met het brood dat zij toebereid had haar zoon Jakob in handen. 18 Die ging naar zijn vader toe en zei: ‘Vader.’ Isaak antwoordde: ‘Ja, wie ben je, mijn zoon?’ 19 Jakob zei tegen zijn vader: ‘Esau, uw eerstgeborene; ik heb gedaan wat u mij opgedragen hebt. Ga overeind zitten en eet van mijn wildbraad, dan zult u de kracht krijgen om mij uw zegen te geven.’ Rebekka reikt Jakob het gebraad en het brood toe. Heel de voorbereiding van het sjoemelgedoe werd bedacht en voor het grootste deel uitgevoerd door Rebekka. De finale uitvoering was voor Jakob. Hij was meegestapt in de hele enscenering door het geven van de twee geitenbokjes aan zijn moeder.

Nu moest het gebeuren want de kans bestond dat Esau, als hij zeer veel geluk had, terug thuis kwam van zijn jachtpartij.

Strikt genomen was het verhaal met de linzensoep niet nodig geweest om de zegen van de eerstgeborene, zijn broer Esau, af te snoepen. Dit verhaal leerde ons echter dat Esau dat eerstgeboorterecht niet belangrijk vond en dat hij bereid was in ruil voor een kom soep dit voorrecht onder eed af te zweren. Het typeert Esau in zijn voortvarendheid en zijn gebrek aan inzicht in de samenhang van hemel en aarde. De visie over dat eerstgeboorterecht verschilt hier zeer duidelijk bij de hoofdpersonen van dit verhaal. De eersteling in het verbond staat niet gelijk met het gangbare eerstgeboorterecht bij de stammen van de mythische tijd.

Esau is nu op jacht vertrokken om een stuk wild te schieten om te voldoen aan de wens van zijn vader. Vader Isaak stelde de vergoeding vast voor de schotel die hij verwachtte van zijn oudste zoon. Dat was de vaderlijke zegen nadat hij sterkte opgedaan en dat kon alleen door een maaltijd met wildgebraad.

Jakob neemt de woorden over van zijn moeder niet letterlijk over en hij laat de passage over het goedvinden van de Heer wegvallen. Hij spreekt in zijn eerste tekst zeer overwogen precies zoals Isaak tegen Esau sprak. Beide teksten tonen aan dat Esau weinig belang hecht aan de goddelijke dimensie en dat weten Isaak en Jakob. Denkbaar is ook Isaak nu ook niet meer zo erg gebonden in het verbond. Voor hem was het wildgebraad en daarmee gepaard de opvolging voor de stam belangrijk. Een sterke leider was er nodig om voorspoedig volk te hebben. Dit is het idee dat bij alle omliggende volken gangbaar was en daarom worden veel koningen afgebeeld als de winnaars1 van een gevecht tussen jager en wilde dieren. Goed leiderschap werd voorgesteld als fysiek sterk leiderschap.

 

1 Genesis 10,9; Genesis 21,20.

20 januari 2017

Jakob stemt in en Rebekka zet alles in scene.

Rebekka wacht op de bokjes van Jakob. Daarmee had zij het bewijs van zijn medewerking van jakob,tegenkantingen overwonnen,nauwgezette voorbereidingen,details over kleren en nephuid,ruwheid,seïropgeëiste medewerking aan het complot dat ze opgezet. Genesis 27,14-16: 14 Jakob ging ze dus halen en bracht ze naar zijn moeder; en zij maakte een smakelijk maal klaar, zoals zijn vader het graag had. 15 Daarop haalde Rebekka de beste kleren van haar oudste zoon Esau, die zij in huis bewaarde, en liet haar jongste zoon Jakob die aantrekken. 16 Over zijn handen en zijn gladde hals trok zij de vellen van de geitenbokjes. De inbreng van Jakob is noodzakelijk omdat hij op de een of de andere manier de aartsvaderlijke zegen zou kunnen krijgen. Daarvoor moet snel gehandeld worden maar dat is geen probleem voor Rebekka. Ze heeft alles goed bedacht en voert de voorbereidingen heel nauwgezet uit. Ze denk aan alle details en weet voor ieder probleem een oplossing te bedenken.

Zij kent de smaak van Isaak als geen ander en weet wat hij lust. Het is niet de eerste keer dat ze een wildgebraad klaarmaakt. Ze heeft alleen de twee geitenbokjes nodig die Jakob zorgvuldig uit de kudde haalt en laat slachten. De rode wijn, knoflook, tijm, rozemarijn had ze al in de keuken gezet en de uien waren al gesnipperd. Nu de saus wat laten uitkoken en dan wat bewaarbroodjes van het fijnste deeg erin kruimelen om aan te dikken. Dan het vlees braden en zeker niets klaarmaken met geitenmelk want dat gaat niet samen1 in een gerecht met geitenbokjes. Groenten hoefde Jakob niet meer uit zijn tuin te halen. Hij liet wel het vel van de bokjes afstropen, kop, staart en poten eraf en de ingewanden eruit. Tijd om de beste stukken te braden. Er mag geen tijd verloren gaan want alles moet beklonken zijn voor Esau thuis komt van zijn jachtpartij. Ondertussen haalde Rebekka de beste kleren van Esau. De term “beged” het woord voor kleding dat hier vertaald is door beste kleren laat ons verstaan dat het om een speciaal gewaad gaat. Dit is immers hetzelfde woord dat voor de priesterlijke gewaden3 gebruikt wordt. Deze kleren worden alleen medewerking van jakob,tegenkantingen overwonnen,nauwgezette voorbereidingen,details over kleren en nephuid,ruwheid,seïruitzonderlijk gebruikt bij speciale gebeurtenissen bij de Hebreeuwen die geen priester zijn. Rebekka liet Jakob die speciale kleren aantrekken deze kledij moet Isaak er aan herinneren dat hij de zegen nog moet geven. Die kledij heeft is goed te herkennen aan een geur van heiligheid. In deze gewaden moest Jakob zich presenteren bij zijn vader. Het vel van de geitenbokjes kwam ook van pas. Dit vel moet zorgen om de beharing van Esau te suggereren. “Sa'iyr” betekende behaard2 maar verwees ook naar geitenbok en staat eveneens in relatie tot een ruw voorkomen. Enigszins een contrast tussen de waardige kledij en de vermomming maar het is de ideale manier om Esau na te bootsen.

 

1 Exodus 23,19; Deuteronomium 14,21.

2 zie bijdrage: Isaak heeft bedenkingen.

3 Exodus 40,13.

19 januari 2017

Isaak heeft bedenkingen.

Genesis 27,11-: 11 Maar Jakob zei tegen zijn moeder Rebekka: ‘Dat gaat niet; mijn bedenkingen,sterkere broer,overleggen of impulsief handelen,angst voor straf,kordaat karakter van rebekka,trouw aan persoonlijkheidbroer Esau is ruigbehaard en ik helemaal niet. 12 Als vader mij zal aanraken, denkt hij vast dat ik met hem spot, en in plaats van mij te zegenen zal hij mij vervloeken.’ 13 Zijn moeder antwoordde hem: ‘Jongen, die vloek neem ik op me, luister naar mij en ga de bokjes halen.’ Behaard1 klinkt in het Hebreeuws “sa'iyr” en dat woord heeft de bijklank van ruw, schrikwekkend en verwijst ook naar geitenbok en sater. In de overwegingen van Jakob speelt mee dat zijn broer veel sterker is dan hijzelf. In de Hebreeuwse tekst omschrijft Jakob zich als een “chalaq” dat is niet echt te omschrijven als iemand die niet ruig behaard is – het tegengestelde van Esau - maar dat heeft meerdere betekenissen. Het kan onder andere betekenen rad van tong maar het kan ook iemand zijn die overleg pleegt. Dit staat dan in contrast met een Esau die impulsief is. Deze vergelijking tussen de broers die Jakob aanbrengt, is dan ook helemaal overdrachtelijk te begrijpen. Eigenlijk vreest hij de reactie van zijn broer.

De tweede tegenwerping van Jakob gebruikt weer hetzelfde beeld van de beharing maar dan om de reactie van zijn vader aan te duiden. Hier klinkt ontzag mee voor zijn vader Isaak en de angst voor een repressieve straf. Denk aan Noach die zijn zoon Cham vervloekt omdat hij de spot drijft met zijn vader. Genesis 9 doet het verhaal van een zatte Noach die in zijn blootje ligt en Cham die dat rondbazuint. Als Noach nuchter wordt klinkt de sanctie in Genesis 9,24: 24 Toen Noach uit zijn roes ontwaakte en te weten kwam wat zijn jongste zoon hem had aangedaan, 25 zei hij: ‘Vervloekt zal Kanaän zijn: de laagste knecht van zijn broers zal hij zijn.’ Het is nu precies dit laatste dat Jakob niet wil. Hij vreest de vloek van zijn vader omdat hij dan zeker de zegen die zo belangrijk is voor het godsvolk zal mislopen. Rebekka grijpt terug naar haar visioen en wil zonder fout beantwoorden aan de orakeldroom. Ze gaat zover in haar overtuiging dat ze de mogelijke vloek van Isaak op haar zou nemen. Dit is het argument dat Jakob moet overtuigen. Daarbij eist ze bedenkingen,sterkere broer,overleggen of impulsief handelen,angst voor straf,kordaat karakter van rebekka,trouw aan persoonlijkheidgehoorzaamheid op van Jakob en beveelt hem de bokjes te halen voor haar. Zij was het inderdaad gewoon het heft in handen te nemen omdat zijn vader Isaak aan de gemakkelijke kant was. Isaak liet alles gebeuren en dan moet iemand wel tot de actie overgaan. Die kordaatheid lag helemaal in haar karakter als het over belangrijke zaken ging die beslissend waren voor het verbond van God met de mens. Als we verder ingaan op de Bijbelse verhalen is het opmerkelijk hoe sommige personages ten voeten uit getekend worden en dat de schrijver zich consequent vastklampt aan bepaalde karaktereigenschappen. Ook al handelen ze tegen de normen van goed gedrag en zeden in. Mensen zijn zeker geen figuranten waarmee de godheid naar believen mee speelt. Veel Bijbelse figuren getuigen van een eigen persoonlijkheid en hoeven die ook niet te verloochenen omwille van hun engagement in het verbond. Hun eigenzinnigheid kleurt de verwikkelingen van de verhalen en leert ons veel over menselijke verhoudingen.

 

1 Genesis 25,25.

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende