03 september 2013

Wij nu in onze tijd.

Van de 21e-eeuwse filosofie kan men zich zo kort na het millennium nog geen scherp algemeen beeld vormen. Wat al wel (na een decennium) kan worden gesteld is dat gedurende deze korte periode de prominente 20e-eeuwse filosofen die nog in leven zijn hun stempel blijven drukken op de wijsbegeerte. Het zijn mensen als Noam Chomsky, Saul Kripke en Jürgen Habermas, wier werk als professoren en mediafiguren hen in staat hebben gesteld om op het gebied van filosofie een vooraanstaande rol te blijven vervullen. De 21e-eeuwse filosofie blijft veel thema's van het filosofische debat uit de 20e eeuw aanvoeren, waarbij deelnemers van zowel de continentale als de analytische filosofie in de discussie betrokken zijn. Een grote verscheidenheid aan onderwerpen kan nu rekenen op filosofische belangstelling. De debatten haken in op de vele vragen rond alle elementen van de samenleving, de politiek, de ethiek, de religie, de sport, de wetenschap, de justitie, de technologie, de media, het internet, de natuur...

Door de wereldwijde netwerken vervagen de grenzen en is kennis voor zeer veel mensen beschikbaar. Veel pseudowaarheden worden echter kritiekloos overgenomen en manipulatie en schending van de privacy dringen binnen via de vele netwerken.

De moderne wetenschap stelt het soms zo voor alsof met haar alles gezegd en verklaard is. Het cognitief betekenisvolle beperonze dagen,eenentwintigste eeuw,groot aanbod aan filosofie,grote belangstelling,filosofen als mediafiguren,grenzen vervagen en kennis verspreid over heel de wereld,manipulatie en verlies van privacy zijn de gevaren,alles lijkt uit te leggen,kan een romantisch gevoel nog bij een uitlegbaar feit,is er nog verwondering,geen wetenschappelijke waarheden ontkennen,kt zich echter niet tot het verklaarbare. De primitieve mens zou een toevlucht genomen hebben tot rite en magie omdat hij onder de indruk kwam van de machtige natuur en niet in staat was een zinvolle verklaring te geven van natuurverschijnselen. Zijn de golven van de zee, de grote en de kleintje die over het strand rollen minder indrukwekkend omdat we weten dat eb en vloed bepaald worden door de aantrekkingskracht van de maan, de zeestromingen en de wind die over het water speelt? Is een bliksemslag en de donder die erop volgt minder imponerend sinds we weten dat het gaat over een elektrische ontlading en een verschil in snelheid van licht en geluid? Is een tropische stortbui minder machtig om te beleven omdat we de processen van verdamping en condensatie kennen? Is de dood minder angstaanjagend omdat de arts kan zeggen welk virus ervoor verantwoordelijk was? De menselijke vinding van de oplossing of verklaring kan net zo verbazingwekkend zijn als het raadsel. In de religie zoekt de mens naar een houding tegenover leven en dood, problemen en verklaringen. Hij thematiseert en cultiveert die houding, brengt ze ter sprake en drukt ze uit in woord en beeld.

De religieuze mens ernstig nemen betekent zijn uitspraken niet interpreteren als verklaringen (die dan foutief blijken te zijn), noch deze religieuze uitspraken zelf proberen te verklaren in termen die niet aan het religieuze taalspel ontleend zijn, zoals: projectie, vervreemding, angst, enzovoort (zoals Freud bv.).

Het zou een vergissing zijn naar een wetenschappelijke verklaring te zoeken van de religie. Anderzijds zou het ook een vergissing zijn de wetenschappelijke waarheden te ontkennen. We zouden gewoon moeten aanvaarden dat de religieuze taal en begrippen een eigenonze dagen,eenentwintigste eeuw,groot aanbod aan filosofie,grote belangstelling,filosofen als mediafiguren,grenzen vervagen en kennis verspreid over heel de wereld,manipulatie en verlies van privacy zijn de gevaren,alles lijkt uit te leggen,kan een romantisch gevoel nog bij een uitlegbaar feit,is er nog verwondering,geen wetenschappelijke waarheden ontkennen domein hebben dat verschillend is van dat van de wetenschap. Er moet dus meer belang gehecht worden aan hermeneutiek. Dat is de leer van de regels en hulpmiddelen die bij de uitlegkunde gebruikt worden. Dat is de theorie van de exegese, als we over de Bijbelverhalen spreken. Als voorbeeld op onze blog mogen we zeker de naambetekenissen, die we tussen [] haakjes hebben gezet en die soms al de afloop van de verhalen verraadden, aanhalen. Ook op die manier zijn we erachter gekomen dat veel van deze verhalen meer dan één niveau hadden en diepere zingeving meedroegen. De vraag is of ze nog relevant zijn voor mensen die geen tijd hebben of die het niet zinvol vinden om naar verklaringen te zoeken die ver in de geschiedenis en in andere denkwijzen te zoeken zijn. Een andere vraag is of zij die dan wel inzicht hebben dit niet gebruiken om mensen te manipuleren om zelf macht en rijkdom op te bouwen. Misschien krijgen we meerdere profeten van het woord en geïnspireerde mensen van de daad waarmee we verder hoopvol de toekomst tegemoet kunnen stappen. Mensen die in woord en daad uit een stuk zijn, heiligen, die ons in onze gemeenschap dichtbij ons genezen van onze blindheid en onze lamlendigheid en ons inzicht en daadkracht geven. Het gevoel dat er meer is dan de materiële verklaring begint weer veld te winnen. Habermas spreekt van een postsecularisme.

02 september 2013

Grote keuze in denken en voelen.

poststructuralisme,los van alle structuren,geen filosofische scholen alleen de eigen nieuwe ideeën,systeemdenkers,Ayn Rand,atlassen dragen de wereld,geld en bezit staan centraal,herwaarderen van oude tradities,holisme,veelvoud van visies en vrijheid van keuze,media en informatiekanelen,Onder een algemene noemer worden dan filosofen die zich niet laten onderverdelen in de een of andere structuur gegroepeerd in het poststructuralisme. Dit "los zijn van structuren" manifesteert zich ook op cultureel vlak en kennis moet dan hun norm zijn.

Gilles Deleuze (1925-1995) wil afrekenen met alle filosofische scholen en zag zijn filosofie als een individuele schepping van nieuwe ideeën in plaats van een denken over de ideeën van anderen.

Een opmerkelijk fenomeen van de tweede helft van de 20e eeuw was de opkomst van populaire filosofen die systemen aanboden om beter om te gaan met wereldse problemen. Door hun beperkt studieveld werden deze echter geïsoleerd door de academische filosofie. Onder die systeemdenkers bevond zich Ayn Rand, die op een radicale manier de traditionele filosofie en psychologie bekritiseerde en liever vertrouwde op onorthodoxe methoden. Zij zag een wereld die gedomineerd moest worden door de Atlassen, de dragers van de wereld, die zonder mededogen de financiële macht moeten grijpen en zo heel de aarde, mens en natuur, naar hun economisch systeem kunnen ombuigen.

Aan de andere kant waren er dan weer filosofen die probeerden om de oude tradities van de filosofie opnieuw te bekijken en te herwaarderen. Binnen deze traditie bevonden zich bijvoorbeeld Hans-Georg Gadamer en Alasdair MacIntyre die beiden, zij het op verschillende manieren, de traditie van het aristotelisme wilden laten herleven.poststructuralisme,los van alle structuren,geen filosofische scholen alleen de eigen nieuwe ideeën,systeemdenkers,Ayn Rand,atlassen dragen de wereld,geld en bezit staan centraal,herwaarderen van oude tradities,holisme,veelvoud van visies en vrijheid van keuze,media en informatiekanelen,

Op het einde van de 20ste eeuw won de holistische benadering veld. Alles maakt deel uit van een groot geheel en men werkte men aan een nieuwe manier van samenleven met mens en natuur. Sommige beweren dat we op de drempel staan van een nieuw tijdperk, een “New Age” van liefde en licht en spirituele groei. Bij afname van christendom steken een heel arsenaal aan producten op levensbeschouwelijke vlak de kop op. Ze worden gepresenteerd en gepromoot als koopwaar waarvan er van alles in de rekken ligt. Zintuigen worden geprikkeld met kleur, reuk, oefeningen en gevoel om positieve ervaringen en goed gevoel op te wekken. Ritueel wordt een religieuze suggestie om via het doen tot denken en voelen te komen. De media en de wereldwijde poststructuralisme,los van alle structuren,geen filosofische scholen alleen de eigen nieuwe ideeën,systeemdenkers,Ayn Rand,atlassen dragen de wereld,geld en bezit staan centraal,herwaarderen van oude tradities,holisme,veelvoud van visies en vrijheid van keuze,media en informatiekanelen,informatiekanalen bieden nieuwe vormen van religiositeit, zoals het nieuwe occultisme en het modern bijgeloof maar ook aangepaste versies van veelal Oosterse visies en praktijken zitten in het aanbod. Zo is er heel wat concurrentie en is afvalligheid van de traditionele en verstarde instituten gekomen. Meestal was het door een gebrek aan begrip van de Kerken voor wat er in de wereld gebeurde dat religieuze mensen andere wegen zochten waar hun aspiraties wel gehoord, begrepen en ingelost werden. De contraproductieve reactie van die traditionele godsdiensten was dan nog eens het teruggrijpen naar ouderwetse vormen van geloofsuitingen in de hoop hun macht en gezag te restaureren met de succesformules die het in de kerken vroeger zo goed deden.

30 augustus 2013

Materialisme.

Jean-François Lyotard, Michel Foucault en Jacques Derrida (1930-2004) staan voor de deconstructie. Dit levert mareialisme,deconstructie,kennis blijft de basis,kernfysisca,biochemie,atheïsme,keuze tegen god,het vrije zelfontwerp,een zich vrijmaken van alle culturele achtergronden met hun normen. Zij bouwen alleen verder op kennis. Het materialisme van onze tijd is daar een exponent van. De jacht naar het kleinste deeltje en het grootste in het universum gaat steeds maar verder. Kernfysica en biochemie maken deel uit van de menselijke levensbeschouwing. Een kleine stap voor een mens, een grote sprong voor de mensheid werd verwoord door de astronaut Armstrong bij zijn eerste stap op de maan op 21 juli 1962. Humanisme en materialisme gaven het atheïsme in de twintigste eeuw een sterke aantrekkingskracht. Allereerst zien we hoe het naoorlogse humanistisch existentialisme zich niet alleen filosofisch als een expliciete vorm van atheïsme profileerde, maar ook hoe het bijdroeg tot een algemeen atheïstisch klimaat in de intellectuele kringen van West-Europa. Zo betoogt Sartre in zijn pamflet L”existentialisme est un humanisme - om het meest bekende voorbeeld te noemen - dat een keuze voor de mens noodzakelijkerwijze een keuze tegen God vooronderstelt. Het uitgangspunt van het existentialisme is immers de subjectieve autonomie, die inhoudt dat de mens geen vooraf gegeven wezensbepaling heeft, maar absoluut vrij en onbepaald is. Bij de mens gaat hetmareialisme,deconstructie,kennis blijft de basis,kernfysisca,biochemie,atheïsme,keuze tegen god,het vrije zelfontwerp, vrije existeren juist vooraf aan zijn wezensbepaling. Hij geeft slechts op basis van zijn vrije zelfontwerp inhoud aan zijn bestaan. Anders is zijn leven niet authentiek en zijn handelen te kwader trouw. De grote vlucht van de wetenschap en de realisaties die er uit voortvloeien doen de mens besluiten dat hij God niet meer nodig heeft. Op een kinderlijke manier verklaart men zelfs God nergens meer tegen te komen noch in de ruimte noch bij het onderzoek van de menselijke hersenen. Een godsbeeld beeld past echter niet in een materiële wereld waar alles door mensenhanden en menselijk denken bepaald wordt.

Toch zijn de filosofen niet klaar met het ontrafelen van het menselijk denken. Hoe hard men ook probeert de menselijke hersenen te reproduceren, authentieke gedachten en gevoel kan men nog niet van computers en robotten verwachten. Die processen blijken nog te complex en zijn voorlopig ondoorgrondelijk.