24 februari 2016

Hoe kunnen we het doorgeven van geloof in de Ene uitbeelden?

Na een proloog met in een historisch perspectief en de identificatie van een der partijen in vers 7, kunnen we nu de tweede partij Abram aan het woord laten. De doorgeven van geloof,Abram vraagt hoe alles zal verlopen,Adonai Jahweh,de wijze waarop,zichtbare zekerheid,geloof en vertrouwen,leven in een gelovige context,beeld van een land en een nageslacht,God is niet exclusief maar universeel,beelden minderwaardig aan bedoeling,beklijvende beeldverhalen,personages staan klaar voor een begrijpbare interactie. In de dialoog is nu Abram aan het woord. Genesis 15,8: 8 Abram vroeg: ‘Ach Heer God, hoe kan ik weten dat ik het inderdaad zal krijgen?’ In zijn aanspreektitel laat Abram nog even de Meester van de schepping meeklinken naast zijn persoonlijke aanspreektitel Jahweh. Dit toont ons dat er geen verschillende goden bedoeld worden met deze verschillende aanspreektitels. Adonai is de aanspreektitel gebruikt bij het smeekgebed en Jahweh is de persoonlijke naam van de Allerhoogste.

Opnieuw vraagt Abram hoe hij een teken zou kunnen stellen. Hij vraagt naar de wijze waarop hij duidelijk kan maken dat het beloofde land iets is dat kan doorgegeven worden. De Naardense Bijbel vertaalt het zo Genesis 15,8: Maar hij zegt: mijn Heer, Ene, waarbij zal ik wéten dat ik het beërf? Welk beeld kan ik in mijn bewustzijn zetten om die belofte in te zien. Hij heeft klare beelden nodig voor zichzelf maar vooral voor de toehoorders van het verhaal. Zo kunnen de bijbelschrijvers argumenteren dat er een gewilde hogere orde is, die onbegrijpbaar is voor het menselijke bevattingsvermogen. Abram wil doorgeven van geloof,Abram vraagt hoe alles zal verlopen,Adonai Jahweh,de wijze waarop,zichtbare zekerheid,geloof en vertrouwen,leven in een gelovige context,beeld van een land en een nageslacht,God is niet exclusief maar universeel,beelden minderwaardig aan bedoeling,beklijvende beeldverhalen,voor zijn volk een zichtbare zekerheid leveren voor de toekomst. Hij had het land gezien, hij had de overweldigende hoeveelheid sterren gezien en nu wil hij zien dat de overdracht van al dat beloofde doorheen alle generaties zou bevestigd worden. Abram heeft graag een beeld dat hem en zijn nakomelingen aanspreekt en dat kan bijblijven in hun tradities. Tussen de twee vertalingen hierboven aangehaald zit er een interpretatiespanning. Dat hebben we bij de vertaling van een onduidelijke Hebreeuwse tekst. De vraag naar een zichtbare zekerheid kan evengoed wijzen op een twijfel bij Abram over de belofte van het doorgeven aan de volgende generaties wat hem beloofd werd. Dit zou dan in scherp contrast staan met de bevestiging van het geloof en vertrouwen van Abram in Jahweh in vers 6. Als we inderdaad aan abstracte begrippen zoals “het leven in een gelovige context” invullen met het beeld “land”, is het niet te vermijden dat er allerlei gedachten door ons hoofd flitsen. Dit gebeurt vooral als we ons niet bewust zijn waarvoor het begrip land staat. Met een land en een volk kan van alles gebeuren in de loop van de geschiedenis. Dit is dan een van de nadelen van het gebruik van verstaanbare beelden in een religieus verhaal. Alles wordt zo particularistisch dat het op nationalisme gaat lijken en dat het eerder uitsluit dan insluit. Op deze manier komen we nooit tot het vermoeden van een universele god die vanuit verschillende culturen ervaren wordt volgens hun eigen denken en aanvoelen. Als de Bijbel echter omwille van het gebruik van beelden verlaagd wordt tot een “Bloedboek” dat oproept tot geweld dan bewijst dit dat men de verhalen niet als verhaal leest maar als een geschiedkundig verslag. Dan wordt dit inderdaad een boek waarin god afgeschilderd is als een fascist is, een meedogenloze klootzak, een volkerenmoordenaar, een racist of een vrouwenhater1. Dan is dit geen religieus doorgeven van geloof,Abram vraagt hoe alles zal verlopen,Adonai Jahweh,de wijze waarop,zichtbare zekerheid,geloof en vertrouwen,leven in een gelovige context,beeld van een land en een nageslacht,God is niet exclusief maar universeel,beelden minderwaardig aan bedoeling,beklijvende beeldverhalen,boek maar een nationalistisch pamflet waarin er een god beschreven is die alleen en exclusief voor één volk optreedt. Dan schort er iets aan het bijgebrachte inzicht in de Schrift en krijgen de beelden meer waarde dan de bedoeling van de verhalen waarin ze opgenomen zijn.

In dit verhaal van Abram is voor ons alle feitenmateriaal alle werkelijkheid ver te zoeken. We hebben een sterk vermoeden dat Abram na het bekijken van de sterren weer in zijn tent gekropen is. Dat hij nu aan het dromen is van een toekomst voor zijn kleinkinderen tot in het vierde geslacht. Maar of dit nu een droom, een visioen of wat dan ook is, Abram presenteert via de pen van de schrijver een beklijvend beeldverhaal voor de werkelijke geloofstoekomst van de volgende generaties.

 

1 Gebaseerd op de tekst van een interview (Van Gils en gasten, VRT, 4/11/2015) van Dimitri Verhulst de schrijver van “Bloedboek”.

De commentaren zijn gesloten.