01 juni 2017

Op weg naar übermensch.

Jakob zocht niet het onmiddellijke contact met Esau. Hij laat eerst de samengestelde kudden als geschenk voorgaan zodat zijn knechten telkens nadruk kunnen leggen op hun boodschap waaruit de nederigheid van Jakob naar voren komt. Het kan dan doordringen tot Esau dat Jakob hem goedgezind is. Genesis 32,23-25: 23 Maar tijdens die nacht stond hij op en stak met zijn twee vrouwen, zijn twee slavinnen en zijn elf kinderen de doorwaadbare plaats van de Jabbok over. 24 Toen Jakob hen met zijn bezittingen over de rivier gebracht had, 25 bleef hij alleen achter. En een man worstelde met hem tot het aanbreken van de dageraad. Jakob zsau,jakob,zijrivier van de jordaan,niet klaar voor de oversteek,moreel beter leven,gevecht met de ish,vrouwen en kinderen steken de jabbok over,ajlun,belka,wady es zerka,gileadgebergte,steile oever,evolutiefase,streefdoel,übermensch,ideale mensneemt al schikkingen om verder te trekken. Zijn familie laat hij bij donker zuidwaarts de zijrivier van de Jordaan oversteken richting Kanaän. Zelf blijft hij achter. Hij is precies nog niet klaar om over te steken zoals zijn voorvaders steeds de keuze maakten om over te steken en verder te trekken richting “beter leven”. Het moreel steeds beter leven is de bedoeling van de weg van de Ene. Dit gevecht, deze worsteling is een verhaal zonder einde voor de mensheid om uit het duister en de chaos te geraken steeds op weg naar een beter leven. Dit is een tocht die niet steeds evident is in de menselijke logica. Zo twijfelt Jakob om deze stap te zetten omwille van de problemen die hij denkt te ondervinden.

Lea, Rachel, Bilha en Zilpa steken samen met hun elf1 kinderen de Jabbok over op een doorwaadbare plaats. Jakob helpt hen en zorgt dat ook al de bezittingen van de stam naar de overkant komen. De naam Jabbok staat in verband met het werkwoord “baqaq”, leegmaken of nietig worden, droog worden voor een rivier. De Jabbok loopt in een diep dal van het Gileadgebergte. De oversteek is gemakkelijk in de zomer omdat de blauwe rivier, de Jabbok, dan wel doorwaadbaar is. De oevers van deze rivier, die uitmondt in de Jordaan, zijn echter steil op vele plaatsen. Het is precies daar dat er doorwaadbare plaatsen zijn. Wady es Zerka noemt deze plaats nu. Het diepe dal is nu de natuurlijke grens tussen de landstreken Ajlun en Belka2. De naam van die rivier en het diepe dal leren ons ook de gemoedsstemming van Jakob kennen die zich nietig voelt om als nieuwe stamvader het engagement aan te gaan van het verbond tussen zijn volk en Jahweh. Hij voelt zich zo klein vergeleken met die steile oevers. Hij blijft alleen achter met zijn verantwoordelijkheid als stamvader. Hij blijft alleen achter met vele vragen voor de toekomst. Hij blijft alleen achter met zijn eigen persoonlijkheid. Zijn zelfredzaamheid heeft hij net getoond aan zijn vrouwen en kinderen. Ze steken over zonder noemenswaardige problemen. Maar er is nog een ander oversteken naar een land met een ander leven. Het is typisch dat opnieuw de nacht3 zo belangrijk is voor Jakob die alleen4 is. Het is ook voor deze aartsvader een springplank naar een nieuw leven.

Een man worstelde met hem. “Ish” klinkt als mens in het Hebreeuws. In het scheppingsverhaal5 hadden we het al over die “ish”. Het is de verheven, voorname mens6, die bedoeld was bij de schepping. De mens van het moreel betere leven. Deze ideale mens blijft nu nog steeds een streefdoel. Immers niemand kan zich nu al übermensch noemen en dat was ook de bedoeling bij het gebruik van die term door Nietzsche7. Hij zag de huidige mens als een evolutiefase naar het ideaal van de übermensch, het uiteindelijk doel van de mens.

 

1 “Yeled” hier vertaald door kinderen betekent eigenlijk zonen. Dina wordt niet meegeteld. De elf zijn: Jozef, Juda, Ruben, Levi, Simeon, Aser, Issachar, Zebulon, Naftali, Gad en Dan.

2 Biblical Commentary on the Old Testament, Carl Friedrich Keil and Franz Delitzsh.

3 Genesis 15,12, Genesis 1,5, Psalm 92,3.

4 Numeri 11,24; Numeri 13,3 (meervoud); Numeri 23,9b; Deuteronomium 32,9 en 12 en 33,28..

5 zie bijdragen: Mooie ode aan de eerste vrouw; De laag-bij-de-grondse mens.

6 Psalmen 49,3 en 62,9 (stellen de gewone man tegenover de verheven man: ”ben adam” en “ben ish”)

7 Nietzsche, Also sprach Zarathustra.

Post een commentaar