09 juni 2017

Alles wordt duidelijk op de nieuwe dag.

Genesis 32,32-33: 32 De zon ging op, zodra hij Peniël voorbij was. En Jakob bleef mank aan zijn heup. 33 Vandaar dat de Israëlieten tot op de dag van vandaag de spier die boven aan de heup ligt niet eten, omdat God Jakob boven tegen de heup, tegen de spier van het heupgewricht had gestoten. Na de duistere nacht van vertwijfeling komt de dag. Met vol vertrouwen kan Jakob de komst van zijn broer tegemoet zien. We kunnen dit heel goed vergelijken met de ochtend na de droom in Bethel. Na de ontmoediging en de twijfels over de toekomst recht Jakob zijn rug en gaat verder. Zijn voeten zweven precies over de weg naar Haran want in geen tijd komt hij daar ter plaatse1. Nu ook is de zon nog maar verschenen of hij laat Peniël al achter zich. Hij twijfelt niet meer en zet vastberaden zijn tocht in, richting toekomst. Dit is de eerste en de laatste keer dat geschreven staat dat Jakob mank aan zijn heup was. Dit zal wel niet wijzen op een lichamelijk gebrek maar op een positieve geestelijke impuls. Er was een innig akkoord van gelijkgezindheid tussen Jakob en de Ene. Enerzijds werd de blijvend genade van de Ene bewezen door die heupstoot en anderzijds werd door de mankheid op de heup het besef en het vertrouwen bij Jakob wakker gehouden dat hij een gezegende zending had. De het licht van de zon,een nieuwe dag met een nieuwe uitdaging,blijvende genade,gezegende zending,Israëliten zijn de zonen van Israël,Machanaïm,goed leven,doorn in het vlees,worsteling zonder winnaar,Benjamin,opwaaiend stof bij het gevecht,symboliek van het mank zijn wordt vertaald naar een blijvend gebruik bij de Israëlieten. Zonder dat dit gebruik opgenomen is in de wet, mag de “nasheh” van de dieren volgens de Talmoed2, de Joodse mondelinge overlevering, niet opgegeten worden. Sommigen menen dat dit alleen de ischiaszenuw is die van de dij tot de tenen loopt. Als deze niet vakkundig kan verwijderd worden mogen de hele achterpoten niet gegeten worden. Dit gebruik verwijst naar dit verhaal over Jakob waar zijn dij gestoten werd en ontwrichtte.

De term Israëlieten, de zonen van Israël, wordt nu voor het eerst gebruikt in de Bijbel en verwijst hier naar het volk van Israël, het nageslacht van Jakob. Stilaan zal de term Hebreeuwen om deze volksstam te benoemen vervagen en plaats ruimen voor de naam van dat volk van Israël eens het een groter volk wordt.

Het hele verhaal over dat gevecht van Jakob is heel bijzonder. Vele verklaringen werden gezocht voor deze gebeurtenis omdat ook niet alles duidelijk omschreven is. Zo vinden we het leger van de engelen niet meer terug nadat het herkend werd door Jakob en wordt zijn eigen caravaan in twee opgedeeld. Deze opdeling in twee kan evengoed de basis geweest zijn voor de naam van de plaats Machanaïm. Ook bij de gebeurtenissen in de nabijheid van de Jabbok missen we de uitleg van hoe of waar zijn kudden de moeilijke oversteek hebben gemaakt. We horen alleen dat zijn gezin van vijftien mensen aan de overkant komt. Het lijkt ons ook vreemd dat Jakob hen niet vergezelt. Deze bijzonderheden hebben we niet in vraag gesteld omdat ze eigenlijk weinig waarde hebben voor de zingeving van dit verhaal en daarom ook niet uitvergroot werden door de schrijvers van het verhaal. Wij hielden het bij een innerlijke gewetensstrijd zoals ook Paulus het conflict benoemde als een doorn in het vlees3. Zo bekeken is alles ook voor Jakob duidelijk geworden en heeft hij vertrouwen geput dat hij vooral door “goed leven” het doel van de Ene met de mensheid kan realiseren. Dat is nu zijn roeping.

De onduidelijkheden in het hele verhaal geven aan enkele denkers wel aanleiding tot verschillende speculaties. Vaak wordt Esau in beeld gebracht als de nachtelijke tegenstander omdat de strijd van Jakob beschreven wordt tussen de voorbereiding van het contact en het uiteindelijk contact tussen de broers. Ook wordt verondersteld dat het hemelse leger, dat vermeld wordt, Jakob een boodschap geeft van hoe hij tewerk moet gaan in de voorbereiding van zijn weerzien met zijn broer, die mogelijks nog kwaad is op hem omwille van het eerstgeboorterecht. Dit engelenleger zou richting Esau gaan om zijn wraakgevoelens op te lossen. Dit zou in evenredigheid staan met de kudden die Jakob stuurt met de bijgaande herhaalde boodschappen van nederigheid. Immers de boden noemen ook “malakiem” in vers 4. Een andere visie is dat het nachtelijk gevecht, de worsteling met Esau, de voorbode is van de conflicten die het volk van Israël zal hebben met andere volken maar tevens ook het voorteken is dat er geen winnaar komt uit de broedertwist. In deze visie heeft het geen zin om andere volken te bestrijden om hen te overtuigen. De Ene zal zorgen dat ook de volken die anders denken en leven door hun ervaringen tot inzicht komen. Dit staat echter in tegenstelling tot de roeping van Israël om een actief priestervolk te zijn. Nog een andere verklaring voor de manke heup is dat vanaf nu Jakob door zijn slapte geen kinderen meer kan verwekken omdat hij getroffen is in zijn mannelijke sterkte4. Rachel was toen wellicht al zwanger van Benjamin, die later zal geboren worden. Dit lijken ons allemaal veronderstellingen die afwijken van de diepere betekenis van het verhaal. Dan is het afgeleide beeld van het opwaaiend stof inhoudelijk zinvoller.

 

1 Genesis 29,1-2.

2 Tract Chulin.

3 2 Korintiërs 12,7.

4 Brueggemann en Hamilton.

Post een commentaar