27 juni 2017

Altaar voor ‘El, de God van Israël’.

De keuze om naar Sichem te trekken verbaast ons enigszins. Men zou verwachten dat Jakob naar zijn verwanten gaat en naar zijn vader Isaak. Zijn belofte na de droom in Betel zou ons zelf kunnen laten vermoeden dat hij eerst daarheen zou trekken om na het oprichten van een wijsteen een huis voor de Ene op te trekken1. Maar ook deze richting gaat hij niet uit. Bethel had voor ons immers al een ruimere betekenis en was niet te verbinden met een welbepaalde plek waar de hemel en de aarde samenkomen. Ook Peniël was inmiddels zo’n ontmoetingsplaats geworden. Waar Jakob ook gaat en beseft dat er een eenheid is tussen natuur en bovennatuur is het Betel. Betel is overal waar deze eenheid ervaren wordt. Nu gaat Jakob zijn dankbaarheid voor de bescherming die hij al die tijd genoot en zijn behouden thuiskomst op een andere manier en in een plaats met een algemene religieuze uitstraling uitdrukken. Hij heeft ondertussen dank zij zijn ervaringen ook een vernieuwde visie op de Ene.

Deze keuze om naar Sichem te trekken was gewoon omdat deze stad zo belangrijk was voor het jonge volk van Israël. Het was een plaats van religieus thuiskomen. Abraham was de eerste die dicht bij de heilige plaats van de eik een Hebreeuws religieus baken plaatste. Genesis 12,7: 7 Daar verscheen Jahwe aan Abram en zei: `Aan uw nageslacht zal Ik dit land in bezit geven.' Toen richtte hij daar een altaar op ter ere van Jahwe, die hem verschenen was. Nu koopt Jakob buiten de stad een stuk land en bouwt daar een altaar.

Dat Sichem een religieus centrum was in de tijd dat de Hebreeuwen er toekwamen weten we dus al uit het verhaal van Abraham. De eik van More was toen het religieuze symbool2 voor de bewoners van die regio. Abraham maakte een onderscheid en richtte er zelf zowat honderdvijfentachtig jaar voor Jakob een altaarSichem,Betel,Hebron of Berseba,Betel is overal,vernieuwd inzicht op god,Sichem is religieus thuiskomen in Kanaän,persoonlijke god wordt een god van het volk en het land,naam Israël is veelzijdig, op ter ere van Jahweh. Na Jakob zal het nog een hele tijd ook de religieuze hoofdstad blijven voor het volk van Israël. Nu is het altaar van Jakob bedoeld voor El, de god van Israël. Vertaald zou dit klinken als de machtige, de god van Israël. Het accent verschuift nu van een aanwezige persoonlijke god naar een god van land en volk. Dit wijst ook op een verschuiving van visie. Waar de Ene in de ogen van Abraham een persoonlijke god was, wordt deze nu een god van het volk en het land. We hebben de indruk dat de belofte van de Ene begint vorm te krijgen in nageslacht is nu goed op weg om uit te breiden tot een volk. Ook de aankoop van Jakob van een stuk grond waar hij een tijdje zal wonen, kunnen we zien als het begin van het beloofde land. De andere gebieden waar de Hebreeuwen zich vestigden waren hen toegezegd door de plaatselijke heersers. Abraham kwam in Hebron3 waar hij aanvaard werd door de stammen van Aner, Eskol en Mamre. In Berseba kwamen zowel Abraham als Jakob tot een overeenkomst over het gebruik van de regio met koning Abimelek van Gerar.

De naam Israël is echter zo veelzijdig dat het ook de god van Jakob zou kunnen zijn op zijn beste momenten als “ish” als hij de naam Israël waardig is. De naam Israël wordt echter maar uitzonderlijk gebruikt voor Jakob en dan nog meestal in verband met land of volk. Dan is hij een prins met El volgens vroeger bijbelanalisten. Deze verklaring is te wijten aan de nauwe verwantschap tussen het Hebreeuwse woord voor de prins en de naam Israël. Nu gaat de voorkeur uit naar de omschrijving die we na de verschijning in Peniël hadden. De naam Israël drukt de wens uit dat de Ene strijdt en zich manifesteert in de mensheid. Het altaar van Jakob wordt nu gebouwd op een nieuw aangekocht terrein buiten de stad moet de dankbaarheid uitdrukken tegenover de Ene die het opneemt voor de mensheid. Op sommige momenten zijn de gedragingen of de omstandigheden waarin Jakob terechtkomt daar een uiterlijk teken van.

 

1 Genesis 28,22.

2 Genesis 12,6.

3 Genesis 13,18.

Post een commentaar