07 juli 2017

Een verbond van stammen.

Hemor gaat verder in zijn voorstel en spreekt nu over alle dochters van Jakob. Als de Hebreeuwse meisjes, de dochters van de stam van Jakob, kunnen huwen met de jongens van Sichem dan zullen de dochters van Sichem ook huwbaar worden gesteld aan de Hebreeuwen als tegenprestatie. Genesis 34,9-10: 9 Knoop familiebanden met ons aan. Als u ons uw dochters ten huwelijk geeft, kunt u die van ons krijgen. 10 U kunt ook bij ons blijven wonen: het land ligt voor u open. Blijf maar hier; u kunt rondtrekken of ergens gaan wonen.’ Hemor stelt op die manier een volledige vermenging aan van beide stammen voor. Ook de bezittingen worden gemeenschappelijk en de stad en de gebieden errond staan nu helemaal open voor de stam van Jakob als ze zich versmelten door huwelijken met de Chiwwieten.

Er bestond bij de Hebreeuwen geen traditie van gemengde huwelijken. Het was eerder een afrader te huwen me de meisjes van Kanaän. Abraham en Isaak namen al een duidelijk standpunt1 in over de meisjes van Kanaän en drukten hun voorkeur uit een vrouw van de eigen familie te nemen.

Nu wordt de vraag gesteld over Dina, de dochter van Jakob. Maar Hemor gaat onmiddellijk verder en stelt een vermenging van de stammen voor in zijn onderhandelingen over de bruidsschat. Het wordt een huwelijk van twee stammen met een versmelting van alle bezit. Het gebruik van dezelfde naam voor de zoon van Hemor als voor de stad Sichem maakt deze stap in de redenering tot een vanzelfsprekende ontwikkeling in de onderhandeling tussen de twee stamhoofden. een algemene huwelijksregeling voor alle dochters en zonen,vermenging van de stammen,alles wordt gemeenschappelijk,afgeraden te huwen met meisjes van Kanaän,eigenhedi van Hebreeuwen komt onder druk te staan,verschillende zingeving van het leven,voorspel voor de opstelling van de wetten,

De vermenging zal de eigenheid van de minst invloedrijke2 onder druk zetten. Hier is dat het gezin van Jakob dat gewoon zou opgenomen worden in de stadscultuur van Sichem. De nomadenstam zou een vast verblijf in de stad krijgen en voor hun vee kunnen gebruikmaken van de omgevende regio. Dit zou de bewegingsvrijheid van de Hebreeuwen, die steeds doorheen hun geschiedenis steeds op zoek zijn naar een beter leven, beperken.

Jakob weet dat zijn volk zich steeds als vreemden zal gedragen omwille van het verbond met Jahweh. Ze passen niet in de denk- en leefwereld van de stedelingen. Ze zijn besneden van hart en volgen een andere zingeving in hun leven. Hun wegen en hun relatie tot de bovennatuurlijke Ene, zijn anders. Genesis 18,18-19: 18 Want Abraham wordt zeker een groot en machtig volk, en door hem zullen alle volken van de aarde zegen ontvangen. 19 Ik heb hem immers uitverkoren; zijn zonen en zijn nageslacht moet hij leren, zich door een rechtschapen en deugdzaam leven aan de weg van Jahwe te houden, dan kan Jahwe zijn plan met Abraham verwerkelijken.'

Deze aartsvaderlijke verhalen zijn een illustratie van de voorschriften in de wet. Deuteronomium 7,3: 3 Gij moogt geen familiebanden met hen aanknopen: uw dochters moogt gij niet aan een van hun zonen geven, noch voor uw zoon een van hun dochters kiezen. Dit voorschrift zal aan het volk regelmatig in herinnering3 moeten gebracht worden.

 

1 Genesis 24,3; Genesis 28,1-8.

2 Deuteronomium 7,1.

3 Jozua 23,12; Ezra 9,2.

Post een commentaar