28 augustus 2017

Esau en Jakob wonen in Kanaän maar niet bij hun vader Isaak.

De belofte van Elohim van een groot nageslacht over alle volken heen wordt ook in het huwelijk van Esau met Oholibama voorgezet. Genesis 36,5: en Oholibama schonk hem Jeüs, Jalam en Korach. Dat zijn de zonen van Esau, die in Kanaän geboren werden. Als derde en laatste vrouw van Esau in de lijst van het nageslacht schenkt Oholibama hem drie zonen. Hun namen zijn Jeüs, Jalam en Korach vertaald uit het Hebreeuws raadgever of de Heer komt te hulp, hij die verborgen is en de kale. De verklaring van Jeüs zou kunnen wijzen in de richting dat haar vruchtbaarheid te danken is aan de Heer. De schoot van Oholibama wordt geopend door de Heer en zo geeft ze de meeste zonen aan Edom. Dit maakt Esau een belangrijke voorvader. Anderzijds kan de naam van Korach, de kale, ook in verband staan met de berg, Chalaq wat in verband staat met effen kaal, die naast de Seïr ligt en die weinig vegetatie heeft. De verborgene kan ook wijzen op het bewonen van grotten, die in het kalkgebergte van de Seïr te vinden waren. Zodoende is het wellicht mogelijk dat de namen van de afstammelingen meer te maken hebben met de streek waar ze gaan wonen.

Esau heeft dus vijf zonen die allen geboren zijn in Kanaän. Het geslacht van Jakob is dan veel groter met zijn twaalf zonen waarvan gezegd wordt dat ze geboren zijn in Haran. Hoewel Benjamin daar een uitzondering op vormt. Mogelijks wordt hier de uitdrukking “geboren worden” gelijkgesteld met het onder de invloed staan van de cultuur van Mesopotamië. Dan zouden de zonen van Esau onder de invloed gestaan hebben van de cultuur van Kanaän en deze was verachtelijk in de ogen van het geslacht van Israël dat erfgenaam was van het verbond van Abraham met de Ene.

8 28 a Bijbel 970 a0002.jpgDat dit de zonen van Esau in Kanaän zijn laat ons begrijpen dat Esau lange tijd in Kanaän verbleef toen zijn broer Jakob weggetrokken was naar Paddan-Haram. Dat neemt niet weg dat Esau regelmatig wegtrok naar Edom om daar te jagen en er de bewoners te onderwerpen. Hij was aangetrokken door die streken rond en in het Seïrgebergte omdat daar veel wild, groen en bossen waren en omdat de bevolking niet erg ontwikkeld was. Ze beschikten niet over een doeltreffende afweer tegen de manschappen van Esau en werden onderworpen aan de machtige Esau. Met zijn manschappen had hij controle over heel streek en dat weten we doordat hij bescherming aanbood aan Jakob toen hij Kanaän binnenkwam. Het is echter wel te betwijfelen dat de thuisbasis van Esau Hebron zou geweest zijn. Bij zijn ouders bestond een zekere afkeer voor zijn verbintenissen met het volk van Kanaän. Deze spanning tussen de twee stammen vond zijn oorsprong in het verhaal van Noach die zijn zoon Cham de laan uitstuurde. Cham had immers weinig respect voor zijn vader, Noach, en dreef de spot met zijn zatte vader, die naakt op de grond lag na zijn eerste overdaad aan zijn lekkere zelfgemaakte wijn1. Cham was de vader van Kanaän die op zijn beurt stamvader was van de bewoners van Kanaän. In de tijd dat Rebekka leefde had ze Isaak nog eens op het hart gedrukt dat het geen leven was samen met die Hettitische vrouwen uit Kanaän2. Anderzijds kon Isaak het wel goed stellen met zijn oudste zoon3. Hij was fier op Esau omdat hij zo ondernemend was en omdat hij successen boekte in de jacht. Zelf was Isaak niet erg ondernemend en hij zag in Esau wellicht de man die hij nooit zelf is kunnen zijn. Nu Rebekka overleden was en zelfs haar voedster, Debora, stierf nadat ze overgelopen was naar de stam van Jakob, was er niemand die opkwam voor Jakob. Daarom is het niet uitgesloten dat Esau meer contact had met zijn vader en hem af en toe eens verwende met een bezoekje en een lekker stuk wildvees. Ook over vermoedelijke bezoeken van Jakob aan zijn vader Isaak wordt niets verteld in de verhalen. Het zou verbazingwekkend zijn dat Jakob nu hij eerst in Sichem en later ten zuiden van Bethlehem woonde zijn vader nooit zou bezocht hebben. Het is zeker ook niet uitgesloten dat de broers contact hadden met elkaar bij hun vader en dat het niet alleen het moment dat hun vader begraven werd dat ze elkaar voor het eerst terugzagen. Allen samen gaan wonen in Hebron, Kirjat-Arba, met hun steeds groter wordende families was geen goede keuze. Daarom verbleef Jakob met zijn stam ten zuiden van Efrata nabij Bethlehem iets voorbij Migdal-eder en woonde Esau zonder twijfel in Berseba in het zuiden van Israël met zijn twee vrouwen uit Kanaän en met de dochter van Ismaël. Berseba ligt trouwens ook dichter bij Edom en bij de woonplaats van de derde vrouw van Esau, de dochter van Ismaël.

 

1 Genesis 9,18-25.

2 Genesis 27,46.

3 Genesis 25,28.

Post een commentaar