15 september 2017

Er zijn acht koningen van Edom beschreven.

Genesis 36,34-39: 34 Jobab werd na zijn dood opgevolgd door Chusam, uit het gebied van de Temanieten. 35 Chusam werd na zijn dood opgevolgd door Hadad, zoon van Bedad, die Midjan in de vlakte van Moab verslagen heeft; zijn stad heette Awit. 36 Hadad werd na zijn dood opgevolgd door Samla, uit Masreka. 37 Samla werd na zijn dood opgevolgd door Saul, uit Rechobot aan de rivier. 38 Saul werd na zijn dood opgevolgd door Baäl-Chanan, zoon van Akbor. 39 Baäl-Chanan, zoon van Akbor, werd na zijn dood opgevolgd door Hadad; zijn stad heette Paü zijn vrouw heette Mehetabel; zij was een dochter van Matred, de dochter van Me-Zahab.

De derde koning was Chusam die er spoed achter zette afgaand op de betekenis van zijn naam. Hij behoorde tot de Temanieten1, een zuidelijke stam van Edom. Hij wordt opgevolgd dor de vierde koning die Hadad noemt en ook die naam staat voor groot lawaai en geschreeuw. Hij was de zoon van Bedad, die afgescheiden en in eenzaamheid leefde in het uiterste noorden van Edom daarom moest hij afrekenen met de Midjanieten. Hij versloeg ze in de vlakte van Moab. Zijn stad heette Awit en dat betekent puinhoop en ruïne wat kan wijzen op de vijandelijkheden met naburige stammen of naties.

De vijfde heette Samla wat kleed en gewaad betekent en dat doet ons denken aan een goed uitgedoste koning. Hij woonde in Masreka en vertaald uit het Hebreeuws is dit wijngaard. Hij werd opgevolgd door Saul, vertaald de gevraagd, die in Rechobot2 woonden. Deze naam staat voor wijde ruimten, open pleinen of eenchusam,hadad,bedad,midjan,moab,awit,samla,masreka,baäl-chanan,akbor,paü,meheabel,matred,me-zahab,edom,puinhoop,gewaad,wijngaard,rechobot,geschreeuw van dieren,veeteelt groot gebied en de schrijver detailleert dat de zesde koning aan de rivier woonde.

De zevende koning van Edom heeft de verbazingwekkende van Baäl-Chanan. Vertaald betekent dit dat de Heer genadig is. Hij is zoon van Akbor. Dit is de enige naam van een dier die voorkomt in deze lijst. Het betekent muis maar dit is niet te vergelijken met de wilde dieren die model stonden voor de namen van de oude stammen van Seïr.

De achtste koning noemt ook Hadad en verwijst weer naar dat geschreeuw. De stad waar hij regeert heet Paü of Paï en dat is het geblaat van lammeren. Nu weten we waar al die verwijzen naar lawaai en geschreeuw vandaan komen. Die koningen regeerden in gebieden waar er veeteelt was. zijn vrouw heette Mehetabel en dat betekent dat de Heer, El, weldadig is. Zij was een dochter van Matred, die verdrijft, en de kleindochter van Me-Zahab, waar het water van goudwaarde is. Zouden de vrouwen de kudden drijven naar het water dat de dieren in leven houdt? 

De meeste namen klinken nu als Hebreeuwse namen2 en 3. Het zijn geen diernamen meer die verwijzen naar de jacht. Ze bewijzen dat de Edomieten een geordende samenleving hebben ontwikkeld eens ze samengesmolten zij met de stam van Esau. Er is veeteelt, de lammeren schreeuwen en de Heer is hun genadig met zijn weldaden. Er is water en ruimte en ze zijn bij machte om andere volken te verslaan. Het licht schijnt er, er wordt recht gesproken en ze zijn betrouwbaar4.

 

1 zie bijdrage: Vijf zonen van Elifaz worden respectabele stamhoofden.

2 Genesis 26,22: Naam van een waterput tussen Gerar en Berseba in de tijd van Isaak.

3 voetnoten 3 en 4 van bijdrage: De eerste koningen van Edom.

Post een commentaar