26 september 2017

De naïeve Jozef vertelt zijn droom.

Zonder in te zien welke gevolgen het vertellen van zijn droom zouden kunnen hebben geeft Jozef de inhoud prijs. Genesis 37,6-8: 6 Hij zei: "Hoor toch eens wat voor droom ik heb gehad. 7 Wij waren schoven aan het binden op het veld. Mijn schoof kwam overeind en bleef rechtop staan; jullie schoven kwamen eromheen staan en bogen voor mijn schoof." 8 Zijn broers zeiden: "Wou je soms koning over ons worden of over ons heersen? "Zo haatten ze hem steeds meer vanwege de dromen die hij vertelde. Wij zien dat de droom zich afspeelt op het land waar de broers samen aan het werk waren. Het volk van de stam van Jakob hoedt dus niet alleen kudden maar bewerkt ook het land. De Israëlieten hadden zich inderdaad gevestigd even voorbij Migdal-eder in de streek van het brood, Bethlehem1. Deze vestigingsplaats hebben ze dus niet verlaten na de dood van Isaak toen Esau naar een ander gebied vertrokken was omdat er onvoldoende plaats2 was voor in Kanaän voor de steeds groter wordende stammen van beide broers.

Jozef vertelt dat ze schoven aan het binden waren om het geoogste graan verder te laten drogen op de stengels. Het is een garf die gebonden wordt. Dat blijkt ook uit het basiswerkwoord "alam" dat binden betekent. Tegen elkaar gezette garven vormen precies een hut of een hok. Een goed gebonden stevige schoof blijft rechtop staan in de wind. Dit is de goede manier om een goede schoof op te bouwen met verschillende garven die er tegen elkaar kunnen leunen om verder te drogen in de zomerzon om uit te rijpen. Dit is te vergelijken met het soliede leven van een besnedene van hart dat een steunpunt is voor anderen. Jozef kon alleen maar zijn garve stevig vastbinden na het lastige veldwerk van de oogst. Toen werd met gebogen rug geoogst met een haak en een soort korte zeis. Jozef nam dan een bosje stro uit een garf van het gemaaide graan en draaide dat er omheen en knoopte alles goed vast bijeen. De garven werden in schoven gezet om te drogennaïef,jozef,inhoud droom,schoven,garf,garven,droom over landbouwactiviteit,verdeling gebruik beschikbaar land,stevige schoof,stro uit de garf,soliede leven van besneden,rogge binden,steunkracht uit innerlijke,betel,volwassen in het verbond,wensdroom,goddelijke boodschap vooraleer ze binnengehaald werden. De hoge rogge had wel twee banden nodig om te blijven staan. Het was zaak om behoedzaam om te gaan met de vruchten van het land die al hun tijd nodig hadden om te kiemen en te groeien tot ze rijp waren om te geoogst te worden. Eens volwaardig graanstengels werden ze per greep of garf omgord met banden van stro. Dit beeld doorgetrokken naar de mens zouden we kunnen zien als een beeldspraak voor het opvoeden tot volwassenheid. Eens opgevoed hadden ze de steunkracht uit hun eigen innerlijke - banden van het bosje stro - nodig om staande te blijven.

De schoven van zijn broers hoewel zij zich in Betel ook engageerden in het verbond staan er maar slapjes bij. Het is net of ze buigen alsof ze zich willen richten naar die stevige garf die wijst op de volwassenheid in het verbond. Het Hebreeuwse werkwoord voor buigen, "shachah", kan echter ook vertaald worden met het nederig eerbiedig vereren, aanbidden. Het is deze laatste betekenis dat de broers van Jozef weerhouden. Daarom vragen ze Jozef of hij hen soms een wensdroom heeft verteld. Ze zijn immers overtuigd dat Jozef door vader Jakob bevoordeeld zal worden. Zij vatten net als Jozef zelf die droom niet op als een goddelijke boodschap. Ook Jozef is nu nog niet klaar om de betekenis van zijn droom te begrijpen. Zijn openheid bij het vertellen van zijn droom lijkt ons erg naïef omdat hij opnieuw de afgunst van zijn broers opwekt. Ze haten hem omdat ze zijn gedrag beoordelen als aanmatigend en zelfingenomen.

 

1 Genesis 35,21.

2 Genesis 36,7.

Post een commentaar