03 november 2017

Machtige Juda staat opeens machteloos.

Chira komt terug bij Juda, die nog feest aan het vieren was in Timna omdat de schapen geschoren waren en er weer veel wol was. De vriend van Juda heeft het kleine geitje weer mee en geen staf of ring van Juda. Genesis 38,22-23: 22 Toen hij bij Juda terugkwam, zei hij: "Ik heb haar niet kunnen vinden; en bovendien beweren de mensen uit de buurt dat daar geen publieke vrouw geweest is."23 Toen zei Juda: "Dan moet ze het pand maar houden; anders maken wij ons nog belachelijk. Ik heb geprobeerd haar het bokje te geven; maar je hebt haar nu eenmaal niet kunnen vinden."De mensen van Enaïm zijn formeel er is hier geen publieke vrouw te vinden en daarom komt Chira terug zonder dat hij de kans kreeg om de belofte van Juda te voldoen en zo het pand terug te krijgen. Opvallend is dat Juda er niet erg zwaar tilt dat hij zijn ring en zijn staf kwijt is. Laat haar "laqach" zegt Juda. Dit betekent dat ze het pand mag houden en is letterlijk "laat haar het aan haar nemen" in het Hebreeuws. Dit klinkt nog meer verbonden met Tamar en geeft een andere dimensie aan de taak die Tamar op zich neemt om aartsmoeder te worden. Zij gaat nu met de staf en draagt de ring. Zij is nu de herder en vertegenwoordigt de leiding van het nagelacht van Israël en ze draagt de kenmerken van dat volk. Zij beantwoordt wellicht onbewust aan de voorzetting van het verbond dank zij de mogelijkheden die de Ene haar gaf en die haar ontzegd werden door Juda. Zij wordt moeder van de nakomelingen van Juda. Zij was een hoer, "qedeshah" in Het Hebreeuws maar dan in de zin van "qadash" wat betekent dat zij dan een heilige toewijding had voor de Ene. Dit in tegenstelling met de tempelhoeren van Astarte van wie niemand weet had in Enaïm. Laat de staf en de ring aan haar. staf en ring,bokje,Enaïm,Tamar,moeder Tamar,imago van Juda,alles zo laten,bezoek van prostituees,Astarte,waardevol pand,

Juda hecht meer belang aan zijn imago, aan zijn kudden en aan de materiële toekomst van zijn zonen. Voor zijn zonen had hij ook door Chira een vrouw geregeld en dat liep fout af. Hij is een afspiegeling van zijn vriend, Chira, en wil onafhankelijk zijn. Alle recht komt immers het volk toe en niet de Ene in Adullam. Daarom regelt hij het met zijn vriend Chira om deze keer dan het pand terug te halen. Maar dat lukt deze keer ook niet. Juda wil niet verder zoeken omdat zijn knechten wel zouden lachen dat hij dit persoonlijke spullen heeft achtergelaten bij een hoertje en dat hij niet in staat is haar terug te vinden. In de overtuiging van Juda had hij zich vergrepen aan een tempelprostitué van Astarte en hoefde hij zich daarvoor niet te schamen in Kanaän. Het was wel belachelijk dat hij niet eens zijn persoonlijke spullen kon teugkrijgen. Het zoeken werd bepaald door het idee dat Juda had over de vrouw met wie hij de liefde bedreef. Hij is ook erg bekommerd over wat de anderen en vooral zijn onderhorigen denken. Hij, de baas van de volksstam, staat daar nu zonder staf en ring. Beter dat hij niet uitlegt bij wie zijn statussymbolen nu te vinden zijn en dat er niet te veel weg en weer geloop is door het zoeken naar die hoer. Beter alles zo laten. In de opvatting van Juda heeft hij geen ongeoorloofde dingen gedaan. Hij heeft het hoertje het pand gegeven waar zij om vroeg. Dus ze kan iets meer eisen van hem. Daarbij is in de latere wetten die Mozes aan het volk gaf er geen verbod op het bezoek van prostituees. Er was alleen een verbod voor vrouwen en mannen om godsdienstige ontucht te plegen zoals bijvoorbeeld de tempelhoeren van Astarte1. Juda besluit dat hij alleen een beetje onvoorzichtig was door een te waardevol pand te geven zonder zeker te zijn dat hij het zou terugkrijgen.

 

1 Deuteronomium 23,18.

Post een commentaar