06 november 2017

Juda beslist over leven en dood bij het volk van Israël.

Het verhaal gaat verder en de aandachtig lezer kan al gaan vermoeden dat de leider van de stam, Juda, na enkele maanden toch in het nauw zal gedreven worden. Genesis 38,24: 24 Ongeveer drie maanden later werd Juda meegedeeld: "Uw schoondochter Tamar heeft ontucht bedreven en ze is nu zwanger." Juda sprak: "Breng haar dan weg om verbrand te worden." De uitwisseling van nieuwtjes tussen de woonplaats van Juda, nu wellicht niet meer Kezib maar weer Adullam omdat hij opnieuw contact heeft met zijn vriend Chira, en deze van Tamar, Enaïm, werkt blijkbaar goed in beide richtingen. Deze keer is het Juda die iets hoort over Tamar. Hoewel Juda Tamar weggestuurd heeft uit zijn stam met de drogreden dat Sela nog niet volwassen was, wordt haar doen en laten nog gevolgd. Zij woont evenwel bij de stam van haar vader in Enaïm en lijkt nog steeds onder controle te staan van Juda als verworpen kinderloze weduwe. Hij had als belangrijke en invloedrijke stamoverste immers Tamar gekozen als vrouw voor zijn zoon en had, bij het overlijden van Er, Onan gegeven om de plichten van de zwager waar te nemen. Onan voltrok zijn taak niet naar behoren en stierf ook in de ogen van de Ene. Toen was het gebruikelijk dat Juda ook zijn derde zoon de opdracht zou geven om een zoon te verwekken bij de weduwe van zijn broers. Maar Juda beweerde dat Sela zijn derde zoon te jong was om te kunnen voldoen aan zijn verplichtingen. Hij stuurde Tamar terug naar het huis van haar vader en liet "geruime tijd later", zoalspraatjes,Juda is rechter,Adullam,Enaïm,Sela,kinderloze weduwe,Er,Onan,geruime tijd later,zwanger van Juda,roddel,invloedrijke Juda,Levi,Hammurabi,Egypte, in vers 12 staat, eigenlijk niets meer van zich horen. Tamar werd volledig uit het oog verloren door haar schoonvader, die zijn jongste zoon laat huwen met een andere vrouw en hem niet eerst zijn zwagerplicht laat vervullen. Zo bleef Tamar kinderloos. Nu het gerucht de ronde doet dat ze zwanger is, moet ze op de brandstapel. Juda beslist over leven en dood en dit was eigen aan de stamoversten van Israël1. Uit het bericht dat Juda ter ore komt, oordeelt hij dat Tamar zich regelmatig prostitueerde. Het werkwoord "zonah" houdt een gedragslijn in. Zij speelde dus, volgens de beoordeling van de roddelaars en verspreiders van de laatste weetjes, regelmatig hoer en zou dan uiteindelijk zwanger geworden zijn. Zij baseren zich wellicht op het feit dat een vrouw meestal niet van een enkele geslachtsgemeenschap zwanger wordt.

De macht die Juda heeft om recht te spreken en vonnissen uit te spreken was wellicht verbonden aan zijn status in de streek. Niet alleen in de streek was hij invloedrijk ook in de stam van Israël had hij het voor het zeggen. Het was immers ook Juda die zijn invloed aanwendde en het gedaan kreeg dat Jozef niet vermoord werd en dat hij meegegeven werd met slavenhandelaars2. Nu beslist hij over de straf voor Tamar. Dat de dood op de brandstapel als straf uitgesproken wordt in de plaats van toen klassieke steniging3 is uitzonderlijk. Als we de latere wetten bekijken wordt deze straf alleen toebedeeld bij overspel door een dochter van een priester4. Enerzijds, alles bij elkaar bekeken, kunnen we ons niet ontdoen van de indruk dat Tamar behoort tot de stam van Israël en dan meer bepaald tot de stam van Levi, die later de priesters leverde. Dat dit een fout vonnis was, zou figuurlijk uitgelegd kunnen worden doordat de stamvader niet beschikte over zijn staf, het symbool voor zijn leidende functie. Hij had zijn waardigheden in pand gegeven en was daardoor een onwaardig stamhoofd geworden. Anderzijds werd de brandstapel als straf ook voorzien in de code van Hammurabi en bestond deze ook in Egypte.

 

1 Genesis 31,32.

2 Genesis 37,26-27.

3 Deuteronomium 22,20-21.

4 Leviticus 21,9.

Post een commentaar