21 november 2017

Jozef in de kerker van het paleis van farao.

De woede van Potifar vertaalt zich in een gevangenisstraf voor Jozef. Genesis 39,20-23: 20 Hij liet Jozef grijpen en in de gevangenis zetten, waar de gevangenen van de koning opgesloten zaten. Zo kwam Jozef in de gevangenis. Potifar maakt gebruik van de gevangenis van koning farao en zo hoeft hij zelf Jozef niet van kant te maken en is hij toch op "veilige afstand" - hoe we het ook bekijken - van zijn vrouw. Potifar kent Jozef de doodstraf niet toe maar zet hem gevangen in de nabijheid van de plaats waar hij de verantwoordelijkheid draagt voor de veiligheid van farao. Jozef komt in de gevangenis van de koning terecht waar de staatsgevaarlijke criminelen zitten, die een gevaar zijn voor het Egyptische regime, en een bedreiging vormen voor farao. Jozef blijft in de nabijheid van het opperste gezag van Egypte. Potifar was immers het hoofd van de lijfwacht van de farao en Jozef wordt nu gevangen gezet in de gevangenis van farao. De lijfwachten die geleid werden door Potifar hadden wellicht ook de opdracht om wie een gevaar was voor farao op te sluiten in die gevangenis. Het is Potifar die Jozef in deze gevangenis laat opsluiten hoewel hij geen gevaar vormt voor farao. De woede die Potifar liet blijken toen zijn vrouw het verhaal vertelde over de poging tot verkrachting, heeft plaats gemaakt voor een goed overwogen plaatsing van de gezegende van de Ene. Hij spaart de Hebreeër Jozef. Ofwel twijfelt hij aan het verhaal van zijn vrouw, ofwel wil hij op een of andere manier gebruik maken van de invloed van de gezegende Jozef. Jozef wordt overgebracht van het huis van zijn meester naar het ronde gebouw van de heerser waarbij Potifar de leiding had over de lijfachten. Wij mogen deze gevangenis zien als een bijgebouw van het paleis van gevangenisstraf Jozef,gevangenis van de koning,op veilige afstand van Potifar,hoofd van de lijfwacht van de koning,farao is het opperste gezag in Egypte,spaart Jozef,rond gebouw,dichter bij farao,kleed is aanleiding voor het gevangen zetten van Jozef,kerker,geen doodstraf,farao. Sommigen denken dat Potifar de gevangenis van farao beheert en dat deze gevangenis tot het huis van Potifar behoort. Dat is te betwijfelen omdat Jozef het beheer had over het huis van Potifar en dat daar geen sprake was van een gevangenis. Dus Jozef komt alsmaar dichter bij het absolute gezag van Egypte. Eerst wordt hij door de Ismaëlieten naar Egypte gebracht. Daarna wordt hij gekocht door Potifar om te dienen in zijn huis. Nu stopt Potifar, de chef van de lijfwacht van farao, hem in de gevangenis van het paleis van farao.

Tot nu zijn er enkele opmerkelijke gelijkenissen met het verhaal van Jozef en zijn broers1. Eerst hadden we het kleed dat als vals bewijsstuk wordt gebruikt. Dan lezen we dat Jozef in de gevangenis gestopt wordt en op die manier aan de dood ontsnapt. Deze gevangenis noemt "sohar" in het Hebreeuws en is afgeleid van "sahar" wat rond betekent. De eigenschap van die gevangenis doet ons denken aan een put of een rond torengebouw. De vorm van de plaats waar Jozef opgesloten wordt, is in deze benadering ook vergelijkbaar met de put waarin hij door zijn broers gevangen gezet werd.

We komen eens te meer in een situatie die niet erg bemoedigend is voor het verhaal van het volk van God. De omstandigheden waarin Jozef in de gevangenis verblijft zijn alles behalve comfortabel volgens Psalm 105,17-18: 17 maar eerst zond Hij een man voor hen uit: Jozef, die als slaaf werd verkocht. 18 Zij klemden zijn voeten in boeien, in de ijzers werd hij gesloten. Als bij elkaar beschouw nog beter in die ondergrondse kerker2 dan de doodstraf, die het zekere lot was voor een vreemde slaaf die een hoogstaande Egyptische aanrandde.

 

1 Genesis 37,24 en 31.

2 Genesis 41,14.

Post een commentaar