24 januari 2018

Juda staat borg.

Om het verzet van Jakob te breken, hebben zijn zonen hem alles ragfijn uitgelegd. De noodzaak om graan te halen in Egypte was eigenlijk een kwestie van leven en dood geworden. Het is precies of de aartsvader Jakob alle redelijkheid verloren heeft en blijft tegenwerken om dan toch maar Benjamin niet mee te laten gaan naar Egypte. In het vorige hoofdstuk nam hij zijn verantwoordelijkheid als stamoverste en besliste kordaat terwijl zijn zonen bij de pakken bleven zitten. Het leven van de hele stam, van alle huishoudens, stond door de lange duur van de opeenvolgende misoogsten opnieuw op het spel. Juda is nu de man die omwille van de hele familie de verantwoordelijkheid neemt om een graan op te halen in Egypte. Als laatste motivering stelt Juda zich garant voor de terugkeer van Benjamin naar zijn vader. Genesis 43,9-10: 9 Ik sta borg voor hem: u mag hem van mij terugeisen. Als ik hem niet bij u terugbreng en weer voor u zet, sta ik mijn Jozef,Juda,borgstelling,verantwoordelijke stamoverste,graan van Egypte,persoonlijke borgstelling,Tamar,hongersnood,durver,leiderstalent,Benjamin,verdere leven bij u in de schuld. 10 Als wij niet zo lang gewacht hadden, waren wij al weer tweemaal terug geweest.’ De borg voor Benjamin die Juda uitspreekt is heel persoonlijk. Bij het niet slagen zou hij de schuld volledig en voor eeuwig op zich nemen.

Juda vertrok jaren geleden uit de familiestam en zich ging vestigen in Adullam en huwde er met een Kananitische met de naam Sua1. Hij had de banden verbroken met zijn vader en zijn broers en ging een ander weg op. Het leek erop dat hij naar het voorbeeld van zijn oom Esau stamvader zou worden van een nieuw volk dat buiten het verbond met de Ene zou staan. Toch moet hij in zijn leven een ommezwaai gekend hebben dat hij opnieuw contact opnam met zijn familie. Als het niet de rechtgeaarde Tamar was die hem tot ander inzichten bracht zal het de nood aan voedsel geweest zijn die hem terugbracht bij zijn vader.

De houding van Juda staat in contrast tot deze van zijn broers die elkaar zaten aan te kijken en geen initiatief namen bij de eerste tekenen van een dreigende hongersnood. Juda was een durver maar ook een man met leiderstalent die verantwoordelijkheden durft op te nemen.

De borg die Juda uitspreekt tegenover Israël, zijn vader, is heel anders dan het onrealistisch aanbieden van het leven van zelfs twee zonen, zoals Ruben deed. Ruben zou weer de anderen laten opdraaien voor zijn fouten zoals ook eerder gebeurde met de verantwoordelijkheid die hij had over Jozef2.

Juda verwijt zijn vader dat er lang genoeg gepraat is en dat de knoop nu moet doorgehakt worden. We hebben al heel wat tijd verloren en konden al tweemaal teruggekomen zijn. Zonder het te zeggen laat hij zijn vader vermoeden dat het geen gevaarlijke expeditie is en dat Benjamin al terug kon geweest zijn na hun tweede reis naar Egypte. Maar we hebben geaarzeld, vertaling van het Hebreeuwse werkwoord “mah” dat de basis vormt voor “mahah” dat vertraging betekent.

 

1 Genesis 38,1-2.

2 Genesis 37,30.

Post een commentaar