14 november 2017

De begenadigde Jozef wordt zaakvoerder van het huis van Potifar.

De volgens Potifar bekwame Jozef wordt vertrouweling en beheert de huishouding en het bezit van zijn meester. Genesis 39,5-6: 5 Vanaf het ogenblik dat hij hem had aangesteld over zijn huis en over heel zijn bezit, zegende de Heer het huis van de Egyptenaar omwille van Jozef, en de zegen van de Heer rustte op alles wat hem toebehoorde, in huis en daarbuiten. 6 Zo liet hij heel zijn bezit aan Jozefs zorgen over; nu hij hem had, bemoeide hij zich nergens meer mee dan met zijn eten. Jozef was mooi en welgebouwd. Jozef wordt door Potifar aangesteld als hoofdverantwoordelijke omdat hij al bewees dat wat hij deed "shalom" bracht. Jozef was na zijn promotie een zegen voor de hele samenlevende familie, de dienaren en het gezin van Potifar. Deze zegen wordt bevestigd door de Ene in de goede gezondheid van iedereen, in de goede opbrengst van de landbouwactiviteiten en de veeteelt en in alles wat voorspoed bracht. Alle gaven van de schepping waren op hun best. Er was vriendelijkheid, welgezindheid en vrede binnen het huishouden van Potifar en iedereen leefde er goed en in welvaart. Het verband tussen mensen die leven in het verbond met de Ene en de goed gang van zaken is onweerlegbaar. De zegen die Abraham kreeg wordt ook opnieuw1 duidelijk bij Jozef. Genesis 12,3: 3 'Ik zal zegenen die u zegenen, maar die u versmaadt zal Ik vervloeken. Door u zal zegen komen over alle geslachten op aarde.'

Potifar,Jozef,huishouding,shalom brengen,zegen van de Ene,gaven van de schepping,welvaart,Potifar geniet van de winsten,slaaf,welgebouwde jongeling,Potifar bemoeide zich alleen nog met zijn eten. Deze zin roept vragen op. Dat Jozef het beheer had over alles was ons duidelijk. Hij zou echter niet het beheer hebben over wat Potifar at. Sommige Hebreeuwse bijbeluitleggers menen dat dit alles te maken heeft met de verschillen in de religieuze voedselwetten tussen Egyptenaren en Hebreeuwen. Hoewel de voedselwetten van een latere datum zijn is het niet uitgesloten dat er toen ook al culturele verschillen2 waren. Een ander verklaring is dan eerder een figuurlijke uitleg. Het zou dan alleen Potifar zijn die genoot van de opbrengsten van zijn landerijen en het werk van zijn dienaren. Het graan van het land en het brood dat door zijn knechten gebakken werd. In de zin dat Potifar genoot van de winsten die gerealiseerd werden onder het beheer van Jozef. Letterlijk zou het maar schamel zijn en zeker de goede verstandhouding niet bevorderen als Potifar alleen zou eten. De enige zorg die Potifar had was de winst opstrijken van zijn goed beheerde huishouden en landerijen. Jozef hield zich afzijdig van het profijt en zal niets eisen zoals zijn vader Jakob wel deed toen hij bij Laban voorspoed gaf. Jakob was niet akkoord met het loon dat Laban hem gaf en beroept zich op de Ene om rechtvaardig behandeld te worden. Hij legt dan ook uit aan zijn vrouwen dat de Ene er voor zorgde dat hij zelf een kudde kon vergaren uit de dieren van Laban3. Hoewel beiden, zowel Jakob als Jozef, hun meester voorspoed en zegen brachten, werkte Jakob voor een loon bij zijn oom terwijl Jozef als slaaf tewerk gesteld bij de meester die hem gekocht had.

Jozef was mooi en welgebouwd zouden we ook figuurlijk kunnen uitleggen. Doordat hij bezield en goed gevormd was door zijn opvoeding als besnedene van hart leefde hij goed. Hij was welopgevoed en hij straalde dat uit.

 

1 Genesis 30,27-30.

2 Genesis 43,34.

3 Genesis 31,5-7.

13 november 2017

De begenadigde Jozef werd de slaaf van Potifar.

In weerwil van alle ellende die de jonge Jozef ondervond, merkte hij dat hij gesteund wordt door de Ene. Dit was al te zien aan zijn uitstraling. Dit is ook de reden waarom Potifar hem kocht. Het was volgens hem een jonge man die veel wist en veel aanleg had. Genesis 39,2-4: 2 De Heer was met Jozef, zodat het goed met hem ging. Terwijl hij in het huis van zijn Egyptische meester woonde, 3 zag deze dat de Heer met hem was en hem in al zijn ondernemingen liet slagen. 4 Daardoor kwam Jozef bij hem in de gunst en hij mocht hem dienen. Hij gaf hem het toezicht over zijn huis, en heel zijn bezit vertrouwde hij hem toe. Jozef maakt het waar bij Potifar want als huisslaaf die niet op het veld moest werken kwijt hij zich zeer goed van zijn taak. Hij leert vlot Egyptisch spreken en vervult al de opdrachten plichtsbewust. Hij is een voorbeeldig personeelslid dat zijn werk ter harte neemt en tot een goed einde brengt. Hij wint het vertrouwen van Potifar en krijgt alsmaar belangrijker taken en hij wordt door iedereen graag gezien omdat hij iedereen een goed hart toedraagt. Hij is een "shalom" voor iedereen. De opvoeding tot een besnedene in de stam van Israël maakt de kinderen van de stam tot betere mensen Jozef gezegend,gesteund door de Ene,Potifar de dienaar van Ra,plichtsbewust,shalom,persoonlijke god,levensstijl,vertrouwen inboezemen,succes en voorspoed,toezicht,verantwoordelijkheid,Eliëzer,farao,die goed weten te leven. Zij verstaan de kunst om zich in de maatschappij te bewegen en met mensen om te gaan. Ze krijgen een hoogstaand savoir-vivre mee omdat ze de weg van de Ene volgen. Ze worden daarin ook gesteund door hun persoonlijke God, Jahweh.

De opvoeding van Jozef in de wijsheid van zijn vader die zijn kern heeft bij de Ene, de God van het verbond, wordt herkend door andere volken. Israël heeft zoals de ander volken een God maar dat maakt het volk heel speciaal, waardevol en genadig tegenover de andere volken. Door deze stijl van leven is er veel vertrouwen in de gelovige Hebreeuwen. De vader van Jakob was ooit in een vergelijkbare situatie toen hij ver van huis moest werken bij zijn oom Laban. Laban vertrouwde ook Jakob op deze manier en ondervond voorspoed in zijn stam door de werklust en het inzicht van de gezegende Jakob1.

Het proces bij Jozef van gewone slaaf naar toezichthouder van het hele huis van Potifar gaat over een hele periode2. Het succes van Jozef is het gevolg van zijn gedreven optreden dat anderen ook succesvol en voorspoedig maakte. De gezegende Jozef was een zegen voor de anderen omdat hij zijn gekregen mogelijkheden en talenten inzette zoals kan verwacht worden van een besneden Hebreeuw. Net als Laban ziet Potifar dat dat zijn knecht hem voorspoed brengt en krijgt Jozef meer zelfstandigheid. Potifar geeft na verloop van tijd Jozef toezicht over iedereen die deel uitmaakt van zij huis en over al zijn bezittingen. Dit was in die tijd geen ongewoon gebruik. Ook de aartsvader Abraham had een vertrouweling, Eliëzer, die hem bijstond. Abraham vertrouwde die dienaar ook belangrijke taken toe3. Potifar zelf was een belangrijke figuur aan het hof van farao en daar had hij het met de leiding, die had over de ontmande lijfwachten van zijn meester, zo druk dat hij best een goede beheerder kon gebruiken om zijn eigen huishouden te beheren.

 

1 Genesis 30,27.

2 Matteüs 25,12.

3 Genesis 24,2.

10 november 2017

Het verhaal over Jozef brengt ons naar Egypte.

Het verhaal van Juda wordt afgerond en we gaan terug naar Jozef, de zoon van Jakob die aangeboden werd als slaaf aan de handelaars van de karavanen door zijn broers. Hoofdstuk 39 begint met het eindvers van hoofdstuk 37. Genesis 37,26: 36 Intussen hadden de Midjanieten Jozef in Egypte verkocht aan een zekere Potifar, een hoveling van Farao, de overste van de lijfwacht. En zo luidt het eerste vers van Genesis 40,1: 1 Jozef werd naar Egypte gebracht en de Egyptenaar Potifar, een hoveling van de farao, de overste van de lijfwacht, kocht hem van de Ismaëlieten, die hem daar gebracht hadden. Jozef, de zoon van Jakob op wie hij al zijn hoop gevestigd had om het verbond voort te zetten, wordt een slaaf in Egypte. Door de herhaling van de schrijver van de overdracht van Jozef naar Egypte in dit nieuwe hoofdstuk weten we dat er nog een verhaal volgt van Jozef in Egypte en dat we niet alle hoop hoeven op te geven. Maar welke kant zal het opgaan nu we weten dat er met de zoon van Juda, Peres, ook een belangrijke nakomeling geboren is?

Jozef werd van hart besneden door zijn vader Israël en dat was te zien aan zijn mantel. Nu is hij zijn mantel kwijt maar de wijsheid van de oude dag van Israël is bijgebleven. Zijn veelkleurige mantel was enkel het teken dat hij door de vele verhalen over zijn voorvaderen een ruime kijk had. Dat Egypte niet goed aangeschreven was bij zijn volk, wist hij. Egypte stelde belang in andere waarden en er werd anders geleefd. Het was een andere samenleving dan deze van de rondtrekkende herders. Het land noemt in het Hebreeuws "Mitsrayim" het meervoud van "matsor", bezette plaats.

Er groeide steeds voldoende graan in Egypte en dat wisten de Hebreeuwen. Als erJozef,Potifar,Midjanieten,Jozef zoon van Jakob,van hart besneden,wijsheid van de oude dag van zijn vader,graan van Egypte,bezette plaats,Nijl geeft vruchtbaarheid,slaaf,zegen voor anderen zijn,shalom,hoofd van de eunuchen, hongersnood was dan trokken ze naar dat land waar de Nijl vruchtbare grond bevloeide en waar de zon dat graan deed rijpen. De zon was dan ook een belangrijke God voor de Egyptenaren. Potifar die Jozef als slaaf kocht, was een aanbidder van die zonnegod, Re. De naam Potifar had die betekenis in de Egyptische taal1. Hij diende farao, die de vertegenwoordiger was van Re. Farao was de goddelijke bezitter van "Mitsrayim". Potifar had een belangrijke positie aan het hof van de oppermachtige farao. Hij had de leiding over de eunuchen die farao beschermden.

Jozef is nog maar net als slaaf in Egypte en hij beseft dat hij een meester heeft die zelf een loyale dienaar is aan het hof van farao. Hoe Jozef het ideaal van Israël, dat hij kent uit de verhalen van zijn overgrootvader, als slaaf zal kunnen waarmaken is hem nog niet duidelijk. Het zal moeilijk zijn een zegen te zijn voor de anderen als je zelf in een moeilijke omstandigheden moet leven onder het gezag van een oppermachtige en weinig mogelijkheden ter beschikking hebt. Als enkeling, afgescheiden van zijn familie en zonder de wensen van "shalom" van zijn broers, lijkt het een hopeloze situatie. De dromer wordt geconfronteerd met de harde realiteit van het leven. Toch is hij ontsnapt aan de eenzame hongerdood in een donkere waterput waar er geen mogelijkheid was om te ontsnappen. Dit bood zeker geen perspectief als besnedene in het verbond met de Ene.

Jozef stelt zich vragen over het waarom hij gekocht werd door Potifar. Wat heeft het hoofd van eunuchen aangezet om Jozef te kiezen uit het aanbod van slaven dat de Ismaëlieten hem aanboden? Zal hij ook ontmand worden om farao te beschermen?

 

1 zie bijdrage: Hoe kan het tweeslachtige Egypte nu meer hoop geven?