12 juni 2017

Boven de zelfzucht uitstijgen.

De manke Jakob was uit het dal geraakt met de steun van de Ene. Een kreupele man kan nooit uit zijn diepe dal opklauteren zonder steun. Na zijn gevecht had hij zich verzekerd van de steun van El Shadday. Hij leerde de Ene1 maar ook zichzelf beter kennen en veranderde daardoor. Wie we zijn, wat onze identiteit is, ontstaat uit ontmoeting, uit gesprek of confrontatie. Onze natuur wordt ook sociaal en spiritueel bepaald en niet alleen door begeerte. Jakob werd sterk door zijn zwakheid te erkennen. Genesis 33,1-2: 1 Toen Jakob opkeek, zag hij Esau met vierhonderd man op zich afkomen. Hij verdeelde zijn kinderen over Lea en Rachel en de twee slavinnen. Eens uit het dal kon hij Esau in zijn richting zien komen. Ook de indrukwekkende groep van vierhonderd man kwam op hem af. Zonder veel uitleg aan zijn vrouwen over wat er in de nacht gebeurd was, neemt Jakob onmiddellijk initiatief. Van zodra de zon opgekomen was, had hij zijn familie weer vervoegd. Dat is weer Jakob ten voeten uit. Hij zal ook deze keer het risico spreiden zoals hij al eerder deed bij het opsplitsen van zijn kudden. In zijn achterhoofd klinkt nog steeds de waarschuwing van zijn moeder Rachel dat Esau belust was op wraak van zodra vader Isaak zou sterven2. Je weet maar nooit dat in dat geval opeens de erfeniskwestie losbarst. Maar vader Isaak leeft nu nog maar wie weet hoelang. Dus liever geen onnodige risico’s nemen.

Nadat we gemerkt hebben dat Jakob honderden dieren gaf aan Esau om hem goed te stemmen, hadden we het vermoeden dat dit een hemels advies was dat hem ingefluisterd werd door de hemelse heirscharen. Nog voor zijn nachtelijke worstelpartij had Jakob deze verzoeningsactie ondernomen. Deze milde geschenken zouden Esau moeten leren dat Jakob afstand kan doen van materieel bezit en dat hij niet zozeer uitkeek naar de stoffelijke erfenis van Isaak. Jakob kan gedacht hebben dat in weerwil van zijn werkkracht en list zijn verworvenheden toch heel onzeker bleven.

ontwijkt broedertwist,reactie van esau,esau en vierhonderd man,jakob neemt geen risico,opslitsing in twee kampen,zoekt geen militaire confrontatie,bereid om als ondergeschikte te fungeren,risicospreiding,

Hij beseft in de eerste plaats dat hij al zijn bezit te danken heeft aan de zegen van de Ene. Daar verwijst hij naartoe in zijn nederig gebed3 waarin hij zich zijn enige bezit van zijn herdersstaf maar ook de goddelijke belofte herinnert. Hij zou behoeden terugkeren naar het land van zijn voorouders en zijn familie. Jakob weet ook heel goed dat hijzelf, zijn gezin en al zijn bezit, hoewel hij alles gedaan heeft wat in zijn mogelijkheden om de risico’s te minimaliseren, van de kaart kunnen geveegd worden door een gewapende vijandige stam. Zij kunnen hem tegenhouden naar het beloofde land te trekken en zo zijn gezegende zending teniet te doen.

Om het risico te spreiden en om de belangrijkste personen die de zending na het nachtelijk gevecht tot het uiterste te beschermen deelt hij zijn gezin op onder zijn vrouwen en de slavinnen. Lea met haar zonen waaronder Juda en de wellicht zwangere Rachel met haar zoon Jozef behoren tot de ene groep. De slavin Zilpa met haar zonen Gad en Asher en de slavin Bilha met haar zonen maken deel uit van de andere groep

 

1 Genesis 32,31.

2 Genesis 27,41-42.

3 Genesis 32,11.

09 juni 2017

Alles wordt duidelijk op de nieuwe dag.

Genesis 32,32-33: 32 De zon ging op, zodra hij Peniël voorbij was. En Jakob bleef mank aan zijn heup. 33 Vandaar dat de Israëlieten tot op de dag van vandaag de spier die boven aan de heup ligt niet eten, omdat God Jakob boven tegen de heup, tegen de spier van het heupgewricht had gestoten. Na de duistere nacht van vertwijfeling komt de dag. Met vol vertrouwen kan Jakob de komst van zijn broer tegemoet zien. We kunnen dit heel goed vergelijken met de ochtend na de droom in Bethel. Na de ontmoediging en de twijfels over de toekomst recht Jakob zijn rug en gaat verder. Zijn voeten zweven precies over de weg naar Haran want in geen tijd komt hij daar ter plaatse1. Nu ook is de zon nog maar verschenen of hij laat Peniël al achter zich. Hij twijfelt niet meer en zet vastberaden zijn tocht in, richting toekomst. Dit is de eerste en de laatste keer dat geschreven staat dat Jakob mank aan zijn heup was. Dit zal wel niet wijzen op een lichamelijk gebrek maar op een positieve geestelijke impuls. Er was een innig akkoord van gelijkgezindheid tussen Jakob en de Ene. Enerzijds werd de blijvend genade van de Ene bewezen door die heupstoot en anderzijds werd door de mankheid op de heup het besef en het vertrouwen bij Jakob wakker gehouden dat hij een gezegende zending had. De het licht van de zon,een nieuwe dag met een nieuwe uitdaging,blijvende genade,gezegende zending,Israëliten zijn de zonen van Israël,Machanaïm,goed leven,doorn in het vlees,worsteling zonder winnaar,Benjamin,opwaaiend stof bij het gevecht,symboliek van het mank zijn wordt vertaald naar een blijvend gebruik bij de Israëlieten. Zonder dat dit gebruik opgenomen is in de wet, mag de “nasheh” van de dieren volgens de Talmoed2, de Joodse mondelinge overlevering, niet opgegeten worden. Sommigen menen dat dit alleen de ischiaszenuw is die van de dij tot de tenen loopt. Als deze niet vakkundig kan verwijderd worden mogen de hele achterpoten niet gegeten worden. Dit gebruik verwijst naar dit verhaal over Jakob waar zijn dij gestoten werd en ontwrichtte.

De term Israëlieten, de zonen van Israël, wordt nu voor het eerst gebruikt in de Bijbel en verwijst hier naar het volk van Israël, het nageslacht van Jakob. Stilaan zal de term Hebreeuwen om deze volksstam te benoemen vervagen en plaats ruimen voor de naam van dat volk van Israël eens het een groter volk wordt.

Het hele verhaal over dat gevecht van Jakob is heel bijzonder. Vele verklaringen werden gezocht voor deze gebeurtenis omdat ook niet alles duidelijk omschreven is. Zo vinden we het leger van de engelen niet meer terug nadat het herkend werd door Jakob en wordt zijn eigen caravaan in twee opgedeeld. Deze opdeling in twee kan evengoed de basis geweest zijn voor de naam van de plaats Machanaïm. Ook bij de gebeurtenissen in de nabijheid van de Jabbok missen we de uitleg van hoe of waar zijn kudden de moeilijke oversteek hebben gemaakt. We horen alleen dat zijn gezin van vijftien mensen aan de overkant komt. Het lijkt ons ook vreemd dat Jakob hen niet vergezelt. Deze bijzonderheden hebben we niet in vraag gesteld omdat ze eigenlijk weinig waarde hebben voor de zingeving van dit verhaal en daarom ook niet uitvergroot werden door de schrijvers van het verhaal. Wij hielden het bij een innerlijke gewetensstrijd zoals ook Paulus het conflict benoemde als een doorn in het vlees3. Zo bekeken is alles ook voor Jakob duidelijk geworden en heeft hij vertrouwen geput dat hij vooral door “goed leven” het doel van de Ene met de mensheid kan realiseren. Dat is nu zijn roeping.

De onduidelijkheden in het hele verhaal geven aan enkele denkers wel aanleiding tot verschillende speculaties. Vaak wordt Esau in beeld gebracht als de nachtelijke tegenstander omdat de strijd van Jakob beschreven wordt tussen de voorbereiding van het contact en het uiteindelijk contact tussen de broers. Ook wordt verondersteld dat het hemelse leger, dat vermeld wordt, Jakob een boodschap geeft van hoe hij tewerk moet gaan in de voorbereiding van zijn weerzien met zijn broer, die mogelijks nog kwaad is op hem omwille van het eerstgeboorterecht. Dit engelenleger zou richting Esau gaan om zijn wraakgevoelens op te lossen. Dit zou in evenredigheid staan met de kudden die Jakob stuurt met de bijgaande herhaalde boodschappen van nederigheid. Immers de boden noemen ook “malakiem” in vers 4. Een andere visie is dat het nachtelijk gevecht, de worsteling met Esau, de voorbode is van de conflicten die het volk van Israël zal hebben met andere volken maar tevens ook het voorteken is dat er geen winnaar komt uit de broedertwist. In deze visie heeft het geen zin om andere volken te bestrijden om hen te overtuigen. De Ene zal zorgen dat ook de volken die anders denken en leven door hun ervaringen tot inzicht komen. Dit staat echter in tegenstelling tot de roeping van Israël om een actief priestervolk te zijn. Nog een andere verklaring voor de manke heup is dat vanaf nu Jakob door zijn slapte geen kinderen meer kan verwekken omdat hij getroffen is in zijn mannelijke sterkte4. Rachel was toen wellicht al zwanger van Benjamin, die later zal geboren worden. Dit lijken ons allemaal veronderstellingen die afwijken van de diepere betekenis van het verhaal. Dan is het afgeleide beeld van het opwaaiend stof inhoudelijk zinvoller.

 

1 Genesis 29,1-2.

2 Tract Chulin.

3 2 Korintiërs 12,7.

4 Brueggemann en Hamilton.

08 juni 2017

Jakob heeft de Ene ervaren in zijn leven.

Met wie Jakob die nacht gevochten heeft, blijft een raadsel voor ons maar ook voor Jakob. Genesis 32,30-31: 30 Jakob vroeg: ‘Maak mij uw naam bekend.’ Maar hij zei: ‘Waarom vraagt u naar mijn naam?’ Toen gaf hij hem op die plaats zijn zegen. 31 Jakob noemde die plaats Peniël; ‘Want’, zo zei hij, ‘ik heb God gezien van aangezicht tot aangezicht, en ik ben toch in leven gebleven.’ Net als Jakob om zijn naam werd gevraagd, vraagt ook Jakob de naam van wie met hem gevochten heeft. De ongepaste vraag van Jakob wordt beantwoordt met een vraag. Misschien verwachtte Jakob meer woorden, de uiteindelijke uitleg in plaats van een wedervraag. Deze onbeantwoorde vraag moet Jakob aanzetten opnieuw na te denken over de goedheid en de steun die hij in zijn leven reeds mocht ondervinden van de Ene. Hij heeft in zijn gebed al aangegeven dat hij als dienaar van de Ene al de gunstbewijzen en al de blijken van trouw niet waardig was. Jakob moet nu buiten zijn smeekgebed en zonder vleierij de ware aard van de Ene ten opzichte De Ene ervaren,de aard van de Ene,verhouding tot de Ene,El Shadday steunt en leidt de levensweg,naam voor belangrijke plaats,Peniël,Penuël,inzicht door goddelijke aanwezigheid,ingreep op het menselijk lichaam is symbolisch,van zijn persoon nog eens opnieuw bedenken. Al de ontvangen steun en mogelijkheden maken het Jakob immers mogelijk om stamvader te worden. In weerwil van de eigenzinnige en zelfverzekerde stappen die Jakob heeft gezet om te beantwoorden aan de vingerwijzingen, dat hij de eersteling zou worden, moet hij ervaren dat hij door zijn bedriegerijen zichzelf in een moeilijke en dreigende situatie gewerkt heeft en geen kant meer uit kan. Eigenlijk staat hij nu op het punt dat hij alles kan verliezen en dat zijn listen en ingrepen voor niets zijn geweest. Hij staat nu op een punt dat hij zich weer bevestigd wil weten door de Ene. Vandaar zijn vraag naar de zegen net als de dag gaat beginnen en de moeilijkheden weer te vrezen zijn.

Het antwoord op de vraag van Jakob wordt beantwoord door de zegen. Deze zegen houdt ook de verantwoordelijkheid van het aartsvaderschap in. Het is ondertussen een traditie geworden dat de aartsvaders gezegend worden door de Allerhoogste, El Shadday. Dit gebeurt meestal in een visionaire droom. Jakob beseft nog maar eens dat El Shadday hem ter zijde staat en zegent. Hij evalueert zijn bewustwording en de zegen als een topmoment in zijn leven en geeft daarom aan de plaats waar dit alles gebeurde een naam.

Opnieuw wordt een bovennatuurlijke tussenkomst de aanleiding om een betekenisvolle naam te geven aan een locatie. Net als in Bethel, het huis van de Ene, komt nu ook de sterke naam “El” voor in de naam van Peniël. Deze Hebreeuwse naam betekent het gelaat van de Ene. Een betere vertaling zou zijn dat de Ene Jakob gezien heeft. Hier krijgen we een gelijkaardige reactie die we eerder hebben gelezen bij Hagar bij de waterput die Hager dan Lachai-roi, de levende die mij ziet, noemde. Genesis 16,13: 13 Toen gaf zij Jahwe, die tot haar gesproken had een naam: `Gij zijt een God die ik zie.' Want, dacht zij, `ik heb God werkelijk gezien, en ik leef nog, nadat ik hem gezien heb.' Net als bij Jakob is dit zien een inzien dat de Ene barmhartig is met de mensen en dat hun zending ten goede is. Deze zending is bij de aartsvaders echter bekrachtigd met een steeds opnieuw bekrachtigde zegen zodat ze een zegen kunnen zijn voor de anderen. Het gaat over de goddelijke genade die de mensen steeds opnieuw mogen ervaren. Sommige momenten zijn de mensen zich daar echt bewust van en ervaren ze de goddelijke aanwezigheid in hun leven als een topmoment. Dit moment werd vereeuwigd door aan de plaats van hun ervaring een betekenisvolle naam te geven. De ingrepen op het menselijk lichaam zijn echter eerder symbolisch. Jesaja beschrijft zo zijn roeping als profeet in Jesaja 6,5: 5 Ik zei: `Wee mij! Ik ben verloren! Ik ben een mens met onreine lippen, ik woon onder een volk met onreine lippen en ik heb met eigen ogen de Koning, Jahwe van de machten gezien!' Zijn lippen werden vervolgens gereinigd met een gloeiende kool door engelen zodat hij het woord van de Ene kon spreken. Erg beeldend maar ook de lippen van Jesaja bleven intact zoals de heup van Jakob. Het beeld van die goddelijke ingreep werd echter telkens opgeroepen om te herinneren aan hun zending.