07 juni 2017

De veranderde Jakob krijgt een symbolische naam.

Dat er heel wat veranderd is in de houding van Jakob moet ook nog blijken uit zijn nieuwe naam. Genesis 32,28-29: 28 Hij vroeg: ‘Hoe is uw naam?’ Hij antwoordde: ‘Jakob.’ 29 Toen zei hij: ‘Voortaan zult u geen Jakob meer heten, maar Israël, want u hebt met God gestreden en met mensen en u hebt hen overwonnen.’ De conclusie van het gevecht, waar Jakob het onderspit niet moest delven, wordt hier een overwinning genoemd. Het is geen overwinning van Jakob maar van de arrogantie in Jakob zelf. Jakob die met het geven van zijn naam aan zijn ware persoonlijkheid herinnerd wordt, zal niet langer de bedrieger bij uitstek blijven. Hij zal nu bij tussenpozen de illustratie worden van hoe het echt moet. Daarom krijgt hij door het gevecht met de Ene een nieuwe bijkomende naam, Israël. Hier wordt een projectie gemaakt hoe het nageslacht van Jakob de wereld zal overtuigen van de Ene en van het leven als besnedenen. Dit zal duidelijk zijn in een eeuwige strijd tussen bedrog en rechtvaardigheid. Een strijd die zal gevoerd worden binnen elk individu maar ook in de samenleving. In beide gevallen is dit een geestelijke verandering van naam is verandering van houding,Israël,strijd tussen bedrog en rechtvaardigheid,innerlijke strijd,ish en isha,vechten aan de zijde van de Ene,gezegende van de Ene,Mahatma Gandhi,verandering bewerken,strijd. Een strijd van de “ish en de isha” tegen de eigen onvolkomenheid. Het is zonde dat deze fout begrepen strijd ten onrechte veel ellende veroorzaakt omdat velen denken dat de anderen eerst heilig moeten worden. Wees zelf de verandering die je in de wereld wil zien gebeuren1. Het gevecht met de Ene is ook te zien als het vechten aan de zijde van de Ene om de doelstellingen te bereiken van wat de bedoeling is van elke de mens. Jakob wordt een goddelijke prins of heerser zoals zijn grootvader Abraham2, die de Ene vertegenwoordigt op aarde.

Het gevecht met mensen wordt hier overgedragen naar de persoon Israël en dat zorgt ervoor dat Jakob een vreemdeling, een buitenbeentje met een afwijkend gedrag, is die niet in isolement leeft maar zich wel onderscheidt van de anderen3. Bij uitbreiding worden het de twaalf stammen, het volk van Israël, dat zich onderscheidt van de andere volken. Het is een priestervolk4 staat er een paar keer geschreven in de Schrift. Strikt genomen is de vertaling van Israël de wens dat de Ene strijdt en zich manifesteert in de mensheid. Jakob en zijn volk worden hier dan in letterlijke zin het beeld en de gelijkenis van de Ene zoals bedoeld in het scheppingsverhaal. Het andere gevecht is de nachtelijke worstelpartij in het verhaal van de eenzame Jakob waar de Ene Jakob weet te overtuigen van de andere dimensie in het leven en daardoor wint Jakob. Daarom wordt hij de gezegende van de Ene en omwille van zijn vertrouwen staat hij open voor deze genade. Het is deze zegen die Israël als man en als volk ook een zegen zullen maken voor de mensheid. Jakob voelt zich gesterkt door deze zegen en beseft vanaf nu zijn plaats en vooral zijn verantwoordelijkheid in de heilsgeschiedenis. Dit moet hem sterken om de confronterende ontmoeting aan te gaan met zijn broer Esau, die met vierhonderd man in zijn richting komt.

 

1 Mahatma Gandhi.

2 Genesis 23,6.

3 Jesaja 2,11 en 17; Micha 7,14.

4 Exodus 19,6.

06 juni 2017

Het raken van de heup.

Dat precies de heup geraakt werd kan ons aanzetten tot het maken van enkele bedenkingen. Tegen de heup werd ook de belangrijke eed gezworen door genegen vertrouwelingen zoals in Genesis 24,2: 2 Nu zei Abraham tot zijn oudste dienaar, die het toezicht had over heel zijn bezit: `Leg je hand onder mijn heup. Die manier om een plechtige belofte af te dwingen lezen we ook in Genesis 47,29: 29 Toen het ogenblik van zijn dood naderde, liet Israël zijn zoon Jozef roepen en zei hem: `Als ik een beroep mag doen op je genegenheid, zweer dan met je hand onder mijn heup dat je mij dit blijk van trouwe liefde zult schenken: begraaf mij niet in Egypte, … Het gaat om “kaph” de plooi, de holte afgeleid van “kaphaph” zelf buigen en om “yarek” lendenen of dij. Lendenen zijn ook “chalats”. Het is ook vanuit de lendenen dat de kracht van een man uitgaat1. Diezelfde lendenen maken de mens wendbaarder dan de engelen die strakke lendenen hebben en helemaal niet onafhankelijk zijn2 omdat ze boodschappers zijn van de Ene zonder vrije wil. Als er nu een heup van Jakob geblokkeerd wordt, zouden we kunnen concluderen dat de vrijheid van Jakob in zijn levenswandel voor een deel aan banden wordt gelegd door zijn relatie met de Ene. Het besef dat een mens geen absoluut autonoom wezen is wordt in de Bijbel soms in buitensporig dramatische verhalen duidelijk gemaakt. Deze tekst weet met het beeld van die ontwrichte heup heel wat bijgedachten in die zin aan te wakkeren. Deze ontwrichte heup is enkel een beeld dat tijdens het nachtelijk gevecht wordt gebruikt om het conflict tussen de adam en de “ish” bij de mens zelf te belichten. heup,eed onder de heup,vertrouwelijk,potentie,wendbaarheid,levenswandel aan banden gelegd,zegen,kwetsbaar,El Shadday,in dienst van de Ene,

Jakob is na zijn gewetensconflict bereid mee te gaan in de weg van de Ene maar daartoe eist hij dan een zegen op. Nu de dag begint en hij vermoedelijke tegenstand moet opvangen, lijkt hem die zegen onontbeerlijk. Daarbij is ook de tijd van het mijmeren en dromen voorbij en moet de werkelijkheid van een Esau onder ogen gezien worden. Het moment van rust, de “shabbath”, waarop de mens zich kan relativeren en kan oriënteren in het gebeuren van zijn leven, maakt plaats voor de harde werkelijkheid. Vooral nu hij zich engageert, na zijn nachtelijke afwegingen, om eerlijker te worden, denkt hij meer kwetsbaar te zijn en is de zegen van de Ene sterkend. Jakob aanvaardt de aanwezigheid van El Shadday in zijn leven. Daarom gaat hij ook de zegen vragen om het project van El Shadday te helpen doorzeten. Hij heeft zijn onwaardigheid om zoveel mogelijkheden van de Ene te krijgen tijdens zijn gebed in vers 11 naar voren geschoven. Nu weet hij dat dit alles kadert in het plan van de Ene en vraagt hij de zegen om daar in te slagen. Vanaf nu breken er andere tijden aan voor Jakob. De tijd van huwen, kinderen verwekken en rijkdom vergaren is voorbij. Nu staat hij in dienst van de Ene om alles wat hij verworven heeft te richten naar het beloofde land en naar een leven in het spoor van de Ene. Maar uiteindelijk is Jakob nog geen engel geworden want hij blijft zijn wendbaarheid en zijn vrijheid als mens behouden.

 

1 Daniël 3,24-28.

1 Deuteronomium 33,11; 1 Koningen 8,19…

2 Ezechiël 1,7-9.

05 juni 2017

Veranderde zin van het leven en zegen.

De man die weet dat hij de anderen steeds een stap voor is moet nu toegeven dat hij door zijn eigen gedrag in het verleden in een situatie terecht komt die hij wat komt niet meer onder controle heeft. Het is de mislukking van een manier van leven. Dit is het einde van een zelfverzekerde man die denkt alles in handen te hebben. Hij was gewoon de anderen te manipuleren. We hebben zelfs de indruk dat hij ook Jahweh voor zijn kar durfde te spannen. Hij probeert dat nu ook met Esau door hem op korte tijd drie kudden te schenken en hem te overtuigen dat hij nederig is. Maar het resultaat van zijn manipulatie is voor hem zeer onzeker mede door zijn verleden vol bedrog.

Deze worsteling speelt zich af als een spirituele ervaring maar wordt getekend als een gevecht. Het is een gevecht met een “ish” de mens zoals hij bedoeld is door Elohiem in de schepping1 en de mens gericht naar het aardse leven van alledag. Voor alle duidelijkheid worden visuele elementen gebruikt om deze nachtelijke zin van het leven,manipulator,onzekere toekomst door bedrog in het verleden,spirituele ervaring,ish,vrijheid van keuze,Psalm 103,Jesaja 40,hemelse impuls,afwegen van het verleden,bedachtzaam worden,voorbeeld als aartsvader,tweestrijd meeslepend te maken. Wij zijn heel benieuwd hoe die worstelpartij zal aflopen. Genesis 32,26-27: 26 Toen de man merkte dat hij Jakob niet aankon, stootte hij hem bij de worsteling boven tegen de heup, zodat die ontwricht werd. 27 Daarop zei de man: ‘Laat mij gaan, want de dageraad is aangebroken.’ Maar hij antwoordde: ‘Ik laat u niet gaan wanneer u mij niet zegent.’ De andere kracht buiten Jakob, of het nu een engel of god is, is te zwak om te winnen. Deze bewering is in te schatten als een ontluistering van de bovenwereldse machten maar het is eveneens een hooglied van de menselijke vrijheid. Hoewel de engelen in Psalm 103,20 sterke strijders genoemd worden van de Ene, verliest de engel precies van Jakob. Jakob krijgt sterkte zoals in Jesaja 40,29-31: 29 Hij geeft aan de vermoeide weer sterkte, aan de onvermogende een overvloed van kracht. 30 Ook wie jong is wordt moe en raakt uitgeput, en jonge mannen kunnen zeker bezwijken, 31 maar zij, die bouwen op Jahwe, vernieuwen hun kracht en slaan hun vleugels als adelaars uit; zij lopen en worden niet moe, zij rennen en raken niet uitgeput. Het is niet de bedoeling dat Jakob overwonnen wordt door de engel want engelen, die in de dienst van de Ene optreden, brengen redding1.

Ofwel bleef de innerlijke strijd binnen de geest van Jakob zonder dat Jakob daar als levend wezen aan ten onder ging of enig letsel opliep. Als het een innerlijke strijd is kunnen we opgelucht ademhalen als we merken dat bovenmenselijke impulsen die de mens verwerkt er niet op gericht zijn de mens te vernietigen of te kwetsen in zijn wezen. Hoe deze hemelse impulsen er uitzien wordt hier niet uitgelegd. Het kunnen een opeenstapeling zijn van levenservaringen en verworven inzichten die opeens in een bepaalde situatie duidelijk in elkaar passen. Het is de weg, die El Shadday voorziet voor de mensen, die aan het licht komt. Deze weg strookt niet met de wegen die bewandeld worden door zelfgenoegzame en op zichzelf gerichte mensen. Deze weg vereist een loslaten en dat is zeer moeilijk voor een zelfverzekerde mens zoals Jakob. Dit geeft aanleiding tot innerlijk conflict, een gevecht dat sporen nalaat en dat de levenswandel beïnvloedt. Dit wordt uitgelegd door de slag die Jakob moest incasseren op zijn heup die zo symbolisch ontwricht geraakt. Jakob is daardoor niet uitgeteld maar Jakob zal nooit meer in de vanzelfsprekendheid wandelen van zijn eigen logica zoals vroeger. De zelfverzekerde Jakob zal nu gaan stappen op een bedachtzame manier. Hij weet nu dat er andere drijfveren bestaan waarmee hij rekening dient te houden in zijn leven. Opnieuw een aartsvader die gevormd wordt door de ervaringen in zijn leven. Hij is daarom ook een voorbeeld voor zijn nageslacht totdat de normen vastgelegd worden in toepasselijke wetten.

1 Genesis 6,9. Naardense bijbel Genesis 2,23.