22 januari 2014

Sichem eerste joods heiligdom in het beloofde land.

Jozua vertelt ons dat bij het oversteken van de Jordaan de door priesters gedragen Ark Sichem een joods heiligdom,tent van de samenkomst,aanknopingspunten met Abraham Isaak Jakob in Genesis,bij de eiken van More,Ebal en Gerizim,Gilgal,Efaïm,Rechabam laat zich kronen in Sichem,terebint,pistaci atlantica,Elahelohiem,boom van standvastigheid,Jozua,ervoor zorgt dat ze veilig en wel in het beloofde land aankomen. Na de verdeling van het land bezegelt Jozua het verbond bij de tent van de samenkomst in Sichem. Jozua 24, 25-26: Zo legde Jozua het volk die dag in Sichem deze verplichting op en hij gaf het wetten en regels, die hij in het wetboek van God opschreef. Ook richtte hij een grote steen op onder de terebint1 bij het heiligdom van de Heer. Dit heiligdom in Sichem is het eerste van de Israëlieten in Kanaän. Er waren voor dit heiligdom reeds aanknopingspunten in de vorige verhalen. Abraham, Isaak en Jakob waren ook al in Sichem geweest volgens Genesis2.

Uit de opdracht van Mozes in Deuteronomium kunnen we afleiden dat Sichem bedoeld was als eerste heiligdom. We lezen in hoofdstuk 11 verzen 26 tot 32: Besef goed, vandaag stel ik u voor de keuze tussen zegen en vloek. Zegen, als u gehoorzaam bent aan de geboden van de Heer, uw God, zoals ik ze u vandaag voorhoud. Vloek, als u zijn geboden niet gehoorzaamt en afwijkt van de weg die ik u vandaag wijs en achter andere goden aan loopt die u eerst niet kende. Wanneer u straks door zijn toedoen in het land aankomt dat u in Sichem een joods heiligdom,tent van de samenkomst,aanknopingspunten met Abraham Isaak Jakob in Genesis,bij de eiken van More,Ebal en Gerizim,Gilgal,Efaïm,Rechabam laat zich kronen in Sichem,terebint,pistaci atlantica,Elahelohiem,boom van standvastigheid,Jozua,bezit zult nemen, moet u op de Gerizim de zegen uitspreken, en op de Ebal de vloek. (Deze bergen liggen ten westen van de Jordaan, ter hoogte van Gilgal, vlak bij de eiken van More. Ze zijn te bereiken over de weg die door het gebied van de Kanaänieten in de Jordaanvallei naar het westen loopt.) Straks steekt u de Jordaan over om het land binnen te gaan dat de Heer u zal geven. Wanneer u het in bezit hebt genomen en er woont, leef dan alle wetten en regels die ik u vandaag voorhoud strikt na. Hoewel de naam van Sichem niet vernoemd wordt krijgen we enkel gegevens om dan toch te achterhalen dat het bevel van Mozes moet uitgevoerd worden in Sichem. Om te beginnen is er de verwijzing naar de eiken van More. Daarvan weten we dat ze in de vlakte van de Hebron staan. Genesis 12,6 zegt ons: trok Abram het land door tot aan de eik van More, bij Sichem. In die tijd werd het land bewoond door de Kanaänieten. Met deze elementen samen kunnen we uitmaken dat het over Sichem gaat. Als we dan vergelijken met de opdracht van Mozes en de daarnet geciteerde tekst van Jozua in hoofdstuk 24 kan er geen twijfel meer zijn. Een argument tegen zouden we kunnen vinden in Jozua 8,30-35 waar verteld wordt dat Jozua een altaar bouwt op de Ebalberg. Dan verwijzen we naar onze vroeger discussie3 tussen de Samaritanen en de Judeeërs over de keuze van een heiligdom. De gulden middenweg zou er dan opnieuw het best uitkomen. Sichem lag tussen de bergen Ebal en de Gerizim. Het was een belangrijk knooppunt en werd bij het binnentrekken via Gilgal door Jozua veroverd en werd zelfs een Levietenstad voor de stam van Efraïm4. Sichem een joods heiligdom,tent van de samenkomst,aanknopingspunten met Abraham Isaak Jakob in Genesis,bij de eiken van More,Ebal en Gerizim,Gilgal,Efaïm,Rechabam laat zich kronen in Sichem,terebint,pistaci atlantica,Elahelohiem,boom van standvastigheid,Jozua,Rechabeam trok naar Sichem om zich te laten kronen5 na Salomo maar toen ontstond de breuk tussen de stammen uit het noorden en deze uit het zuiden. Wellicht daardoor is de naam verduisterd in de teksten.

1 De Terebint is de “Pistacia Atlantica” en is een laagstammige boom met een vol bladerdak. Reeds zeer lang geleden was die boom thuis in het zuiden van Israël en in Galilea. Rondtrekkende woestijnvolken gebruikten deze boom als tijdelijk huis. Onder die bomen werden ook erediensten gehouden en mensen begraven. In de Bijbel noemt deze boom “elah” en is afgeleid van het Hebreeuwse woord “El(ohiem)”, god of godheid. De Terebint wordt meestal geassocieerd met kracht en standvastigheid.

2 Genesis 12,6; 33,18 en 35,27.

3 Ebal of Gerizim

4 Jozua 21,20.

 

5 1 Koningen 12,1. 

22 december 2011

Wijsheid 11, 12 en 13

Wijsheid 11

 

wijsheid 11,wijsheid 12,wijsheid 13,mozes trekt met zijn volk door de woestijn,vaderlijke god,hardvochtige god,straffen en weldaden,dieren als afgod,de weg van de geleidelijkheid,jozua,rechters,palestijnen,god geeft geen rekenschap,macht bron van rechtvaardigheid en geweld,zachtmoedig en mild voor de joden,lessen voor zijn volk zijn lessen voor de wereld,natuurgod,schoonheid van kosmische schepping,kortzichtigheid verhindert globaal overzicht,beelden en dode dingen aanroepen,steun van een opperste religieuze leider,Terwijl we de niet bij naam vernoemde Mozes met zijn volk zich zien laven aan het water van de steenharde rots denkt de schrijver aan het water van Egypte dat door bloed besmet en vertroebeld werd. Terwijl de Israëlieten door een God met vaderlijke eigenschappen in de woestijn verder werden geholpen werden hun belagers door een hardvochtige God zwaar getroffen. Dan krijgen we een gedetailleerde omschrijving van de hoe en waarom God de volkeren en zijn volk straft. God kon de Egyptenaren straffen met om het even welke dieren, al moest hij ze nog maken. God is immers zo krachtig en machtig en daarom vergeeft hij met plezier zij die hem opnieuw vinden na hun afvalligheid.

 

Wijsheid 12

 

De straffen voor zijn eigen volk zijn steeds met mate en beperkt. Ze hebben de bedoeling de Israëlieten van het kwade af te houden. Niettegenstaande de wreedheid vanwijsheid 11,wijsheid 12,wijsheid 13,mozes trekt met zijn volk door de woestijn,vaderlijke god,hardvochtige god,straffen en weldaden,dieren als afgod,de weg van de geleidelijkheid,jozua,rechters,palestijnen,god geeft geen rekenschap,macht bron van rechtvaardigheid en geweld,zachtmoedig en mild voor de joden,lessen voor zijn volk zijn lessen voor de wereld,natuurgod,schoonheid van kosmische schepping,kortzichtigheid verhindert globaal overzicht,beelden en dode dingen aanroepen,steun van een opperste religieuze leider, kinderoffers, de geheiligde seksuele relaties 1, had God ook geduld met het volk van Kanaän. Hier staat dat Hij hen alleen maar beproefd heeft met horzels omdat ze de kans zouden nemen om toch maar hun goden en hun cultuspraktijken te verloochenen. God koos de weg van de geleidelijkheid en geeft kansen tot bekering. Dit is objectiever dan de teksten van Jozua en Rechters, die God het residerende volk van Kanaän, de Palestijnen in de hedendaagse benaming, liet uitmoorden omwille van zijn uitverkoren volk.

Iets verder lezen we dan dat God echt geen rekenschap moet geven als Hij een volk vernietigd. Hij heeft het zelf gemaakt. Uw vonnis is steeds rechtvaardig. Hier krijgen we de redenering van het einde van het boek Job dat macht de bron is van rechtvaardigheid (16). Zij die geen straf verdienen straft Hij ook niet. Al bij al concludeert de auteur op het einde van dit hoofdstuk dat de Heer nog zachtmoedig en mild is. Kwestie hoe je als mens Gods eigen mysterieuze redenen bekijkt.

Deze manier van werken van God was een les voor zijn volk. Zo heeft het geleerd dat rechtvaardigen menslievend moeten zijn. Hij geeft zijn volk de kans zich te herpakken want dat deed Hij ook voor de Palestijnse bevolking. Het verbond gesloten met de voorouders van het joodse volk heeft Hij steeds in acht gehouden.

Zij die dwaas zijn en onrechtvaardig en ver buiten de lijntjes liepen werden gekweld door hun eigen gruwel. Zo kregen ze plagen met dieren die ze aanzagen als goden. Omdat ze maar tot inzicht zouden komen. Herhaalt de geschiedenis zich met geslachtsziekten en de problemen met geld?

 

1 Bij Jeremia 2,20 is de reactie tegen het plegen van ontucht op elke hoge heuvel en onder elke groene boom niet zozeer een afkeuring van de relatie maar een afkeuring van de vruchtbaarheidscultus van Baäl en Asjera. Dit kunnen we afleiden uit de plaatsbeschrijvingen.

 

 

Wijsheid 13

 

Bij de keuze van natuurgoden zijn de mensen zo kortzichtig dat ze geen God en schepper erkennen. Ze laten zich domineren door die verschijnselen en hen ontgaat door de angst de schoonheid van de kosmische schepping. Deze mensen mogen we niet veroordelen want misschien zoeken zij ook God en willen Hem vinden. Zij bijten zich soms vast in de studie van een detail van de schepping en zien het globale plaatje niet meer. Ze zien het bos niet meer door de bomen. Spijtig dat deze kortzichtigheid hun kijk op de schepping en de schepper afremt.

Zij die dan nog beelden maken van die nepgoden zijn nog meer te beklagen. Ze maken nutteloze voorwewijsheid 11,wijsheid 12,wijsheid 13,mozes trekt met zijn volk door de woestijn,vaderlijke god,hardvochtige god,straffen en weldaden,dieren als afgod,de weg van de geleidelijkheid,jozua,rechters,palestijnen,god geeft geen rekenschap,macht bron van rechtvaardigheid en geweld,zachtmoedig en mild voor de joden,lessen voor zijn volk zijn lessen voor de wereld,natuurgod,schoonheid van kosmische schepping,kortzichtigheid verhindert globaal overzicht,beelden en dode dingen aanroepen,steun van een opperste religieuze leider,rpen als zijn vakkundig gemaakt in goud, zilver of andere edele materialen. Het ergste is dan nog dat die mens dat dode ding aanroept om voorspoed af te smeken voor zijn gezondheid, huwelijksleven, bezit werk of zaken of om tegenslagen af te wenden. Staat er geen offerblok bij die beelden indien een gewoon gebedje niet voldoende zou zijn? Of zijn de oorden bestemd voor deze vereringen niet voorzien van een certificering door de opperste religieuze leider op aarde, de plaatsvervanger van God? Laat je aandacht niet afleiden van het essentiële.

08 november 2011

Psalm 121, 136 en 139

Psalm 121

 

God werpt Zich op als bewaarder van Israël.

 

Psalm 136

 

De verlossing uit het kwaad is te danken aan Gods eeuwige trouw. De dichter schetst kort de schepping in vers 8 en volgende. De ordening van de chaos door God wordt weer duidelijk gemaakt zoals bij Job 38,33. In Jeremia 31,35 en 33,20 en 25 komt de schepping van de tijd doorpsalmen,psalm 121,psalm136,psalm 139,bewaarder van Israël,verlossing door gods eeuwige trouw,schepping in beeld,jeremia,job,ordening komt aan bod,genesis,jozua,paleismuur met schaduw, die ordening nog manifester aan bod. De orde van de dagen en seizoenen lezen we in Genesis 1,14-19 en 8,21vv en verder in 9,13-17. Deze ordening van uren, dagen of seizoenen kon door God ook doorbroken worden zoals in Jozua 10,12vv en bij de koning Hizkia die door zijn beter gedrag zijn levens dagen zag toenemen wat hem bewezen werd door de teruglopende schaduw van de trap op zijn paleismuur.

Vers 6 geeft aan dat men in die tijden dacht dat de aarde vlak was. Dit ervaren we ook bij de Psalm 24,1-2. Dan gaat de psalmist verder met een summier overzicht van de geschiedenis van Israël telkens onder Gods eeuwige trouw.

 

Psalm139psalmen,psalm 121,psalm136,psalm 139,bewaarder van Israël,verlossing door gods eeuwige trouw,schepping in beeld,jeremia,job,ordening komt aan bod,genesis,jozua,paleismuur met schaduw,

 

God kent de mens door en door. Uit Exodus 21,22 en volgende verzen leren we dat het leven in de moederschoot waardevol is. Hier leren we dat dit leven daar al zelfs gemaakt en gevormd wordt door Gods zorg (139,13-16). Jeremia 1,4-5 bevestigt dat ook zijn leven als profeet vanaf dan bepaalde was. God is zo belangrijk en ik kan niet vatten hoe kostbaar Zijn gedachten zijn voor mij. De wet is de belichaming van Gods wil en is het woord bij uitstek. In de zin van Deuteronomium 30,14 kunnen we zeggen dat het woord niet ver is, je kunt het opnemen in je hart. Jesaja 65,12 b vertolkt in zijn tekst de andere reactie op het woord. Het is een menselijke vrijheid om als de Heer zijn Woord roept en spreekt niet te luisteren naar dat woord. Dit lezen we achtereenvolgens in vers 8 en vers 20. Het komt er op neer dat we ontvankelijk moeten zijn voor het “Woord”, de Wet en dat is onze keuze. Deze keuze klinkt door in een vers 11 van psalmen 119.

 

In de psalm 139 wordt er in de verzen 19-22 geen blad voor de mond gehouden en krijgen ook haatgevoelens de losse teugel. Daarbij wordt van God nog eens verlangd dat hij de ongerechtigde op een gruwelijke wijze vergeldt. Het inroepen van God om te vergelden vinden we ook in psalmen 58,7-11; 69,23-29; 83,10-19; 137,7-9 we kunnen ze wraakpsalmen noemen.