18 januari 2018

Het vertrouwen van Jakob in zijn zonen is zeer laag.

Jakob werd door zijn zonen niet verteld dat het geld om het voedsel te kopen bij een van de zonen in de tas van het proviand voor de lastdieren werd gevonden tijdens hun eerste oponthoud om te overnachten1. Nu zijn ze thuis en na hu kort en oppervlakkig verslag lossen ze de vracht van hun lastdieren. Genesis 42,35-38: 35 Toen zij hun zakken leegmaakten, vond ieder zijn buidel met geld in zijn zak; en toen zij en hun vader de buidels met geld zagen, werden zij bang. 36 Hun vader Jakob zei tegen hen: ‘Jullie maken mij kinderloos. Jozef is weg, Simeon is weg, en nu willen jullie Benjamin meenemen. Dat mij dat allemaal moet overkomen!’ Jakob staat erbij terwijl ze bij de verdeling van het voedsel over de stammen, merken dat hun geldbuidels met het zilver terugvonden tussen het graan. Graan kopen in Egypte en niet betalen is helemaal vreemd en vader Jakob vertrouwt zijn zonen niet meer. Zelf schrikken de zonen op dat iedereen zijn geld terug heeft. Precies dezelfde hoeveelheid als ze per stam uitgegeven hadden zat in de zakken netjesJozef,Jakob,Israël,vinden nog meer zilver,Simeon,Benjamin,graan kopen en niet betalen,nog meer onheil,zoon van Rachel,wangedrag van zijn zonen,Sichem,Ruben,Bilha,Levi,Simeon, verdeeld per stam. Jakob is bang omdat hij denkt dat zijn zonen het graan gestolen hebben. De negen zonen zijn dan op hun beurt bang omdat ze geen verklaring hebben over hoe dat geld weer in hun zakken terechtkwam. Ze vrezen dat dit deel uitmaakt van de bovennatuurlijke straf voor het vergieten van het bloed van hun broer Jozef en dat er hen nog meer onheil boven het hoofd hangt.

Jakob verwijt zijn negen zonen dat Jozef weg is en dat nu ook Simeon niet naar huis gekomen is. Bij het wegblijven van Jozef hebben jullie mij verteld dat een boosaardig dier hem heeft opgegeten, en van Simeon beweert ge nu dat hij door een boosaardige meester wordt gegijzeld. Die Egyptische meester, die jullie afschilderen als een boosaardige en harteloze mens, heeft jullie toch laten terugkomen met het voedsel dat onze redding is. Het weerwoord van Jakob dat hij kinderloos wordt, lijkt op een beschuldiging maar het is op zijn minst een uitdrukking van zijn wantrouwen. Als Benjamin niet zou terugkomen heeft hij immers geen kind meer van zijn geliefde vrouw Rachel. Hij heeft bijgevolg veel vragen bij het meegeven van Benjamin, zijn jongste zoon, naar Egypte. Jakob vraagt zich af welk leed zijn zonen hem nog zullen aandoen, welke lasten hij nog zal moeten dragen als vader. In zijn herinnering woekert nog het beeld van het wangedrag van zijn zonen bij het uitmoorden van de mannelijke bevolking van Sichem waarvoor ze een list2 hadden opgezet. Jakob en zijn stam kwam door deze laffe moordpartij in moeilijkheden bij de andere stammen van de regio3. Jakob weet ook nog heel goed dat men hem vertelde dat Ruben, zijn oudste, het bed gedeeld had met zijn slavin Bilha. Dit zijn alle ervaringen die een vader niet kunnen overtuigen over de betrouwbaarheid van zijn zonen en die hem sterk doet twijfelen aan hun goede bedoelingen. Als hij ten slotte nu ook gezien heeft dat bij het uitladen van het graan ook nog de gevulde beurzen waren teruggekomen slaat hem de angst om het hart.

Het zou niemand verwonderen dat Jakob weigert om Benjamin mee te geven naar Egypte zelfs al is het om Simeon vrij. Hij heeft in zijn antwoord “het wegzijn” van Simeon op dezelfde hoogte gezet als dat van Jozef. Beiden zijn weg, afgeleid van het werkwoord “ayin”4. Het afscheid van Simeon leek hem even onherroepelijk.

 

1 Genesis 42,28.

2 Genesis 34,15.

3 Genesis 34,30a.

4 Genesis 5,24.

15 januari 2018

De broers en Jozef krijgen inzicht in wat onterecht is.

Gedurende de drie dagen dat de tien broers van Jozef samen in hechtenis zaten beginnen sommige zaken duidelijk te worden. Nu pas als ze hun gevangenschap ondergaan, kunnen ze zich voorstellen wat het moet betekend hebben voor hun broer Jozef die ze in de tijd gekerkerd hadden in de put van Dotan. Genesis 42,21-24: 21 Ze zeiden tegen elkaar: ‘Helaas, wij hebben dit aan onze broer verdiend. Wij zagen hoe hij angstig om genade smeekte, maar wij hebben niet willen luisteren. Daarom treft ons dit ongeluk.’ 22 En Ruben zei: ‘Ik had jullie toch gezegd, je niet aan de jongen te vergrijpen, maar jullie wilden niet luisteren. En nu zien we hoe zijn bloed wordt teruggeëist.’ 23 Omdat zij zich van een tolk bedienden wisten zij niet dat Jozef hen verstond. 24 Hij wendde zich van hen af, en de tranen sprongen hem in de ogen. Maar daarna kwam hij bij hen terug en zette het gesprek met hen voort. Eén van hen, Simeon, liet hij grijpen en voor hun ogen in boeien slaan. Hun gevangenisstraf en hun vergeefse angstig smeken om dan toch maar vrijgesproken te worden van de valse beschuldiging spionnen te zijn, doet hen beseffen hoe Jozef zich moet gevoeld hebben toen ze hem uit afgunst en angst voor hun bezit vastgrepen en gevangen zetten in een put. Dit beeld was ontegensprekelijk in hun geheugen gegrift. Het was op hun netvlies gebrand en liet hen niet meer los. Ze vertellen nu over hun hun persoonlijke herinneringen toen ze Jozef in de kerker gooiden en het deksel afsloten. We hebben inderdaad niet gelezen in het verhaal1 dat Jozef hen angstig om genade had gesmeekt. Zij hadden toen geen oren naar dit smeken zoals Jozef nu ook geen oren heeft naar hun angstig smeken bij de onterechte beschuldigingen die hen nu te beurt valt.drie dagen hechtenis,angstig smeken,put van Dotan,Ruben,Simeon,tegenslag beschouwd als straf,inzicht in wat zijn broers met hem deden,verdiende straf voor het vergieten van bloed,

Omdat de gesprekken tussen Jozef en de tien broers normaal via een tolk verliepen, hadden ze geen vermoeden dat Jozef Hebreeuws verstond. Hun hele gedachtewisseling over wat vroeger gebeurd was, trof Jozef diep. Hij hoorde nu hoe de broers onderling hadden geredetwist in het huis van bewaring3 over zijn lot. De verdediging van Jozef door Ruben als verantwoordelijke oudste zoon hoort Jozef nu voor het eerst. Jozef kreeg het moeilijk zijn emoties in de hand te houden en wendde zijn gelaat af van zijn broers omdat ze niet zouden merken dat de details van hun discussies in de gevangenis hem tot tranen toe hadden bewogen. Tot nu had hij geen zicht op de verwikkelingen en de samenzwering tussen zijn broers die tot de verkoop als slaaf hebben geleid. Na al die tijd zag hij de barbaarsheid van het plan van Simeon in, die zijn broers aanzette om Jozef te doden. Dit voornemen werd door Ruben gedwarsboomd. Hij vroeg het bloed van Jozef niet te vergieten. Omdat Ruben niet heeft kunnen verhinderen dat Jozef dan toch weggevoerd werd en niet meer terugkwam dachten ze dat Jozef ondertussen gestorven was. Daarom ondergaan ze hun hechtenis als verdiende straf uit het bovennatuurlijke voor het vergieten van het bloed van Jozef4.

In die drie dagen gevangenschap van de tien zonen van Jakob gebeurt er iets heel bijzonder. Zowel Jozef als zijn broers krijgen inzicht. De tien erkennen dat ze schuldig zijn. De mate van de verantwoordelijkheid van zijn broers heeft Jozef, dank zij de begrepen gesprekken uit de gevangenis, kunnen beoordelen. Jozef neemt daarom de juiste beslissing om Simeon, de harteloze aanstoker5, in de boeien te laten slaan. De stoere bruut, voor wie iedereen bang was, wordt nu vernederd voor de ogen van zijn negen broers en geboeid.

 

1 Genesis 37,19-30.

2 zie Genesis 37,22-24.

3 afgeleid van “bayith” in het Hebreeuws en dat betekent kerker (zie bajes uit het Jiddisch).

4 Genesis 5,10-11; Genesis 9,5-6.

5 Genesis 34,25-26.

13 oktober 2017

Ruben krijgt een vals alibi aangereikt van zijn broers

De negen zonen van Jakob zoeken een antwoord voor Ruben op zijn vraag wat hij nu moet doen. Genesis 37,31-32: 31 Zij namen het prachtige kleed van Jozef, slachtten een geitenbokje en doopten het kleed in het bloed. De verdwijning van Jozef moest op de een of ander manier verwittigd worden aan Jakob. Jakob wachtte immers op Jozef en op zijn verslag over het "shalom"1 van zijn elf broers en de kudden.

Samen met Ruben, die een vervloeking en uitsluiting vreesde door zijn vader omdat hij de verantwoordelijkheid voor zijn jongere broer niet had opgenomen, zoeken de broers een dekmantel om de behandeling en de verkoop van Jozef als slaaf te verbergen. Hen mag geen schuld treffen. Ze willen alleen maar materieel beter worden door de verdwijning van Jozef en vrezen een bestraffing als de waarheid zou gekend zijn. Ruben wordt betrokken bij het bedrog en schaart zich daardoor aan de kant van zijn overige broers. Hoe hij ook de goede bedoeling gehad heeft om Jozef naar zijn vader terug te brengen, loopt hij nu mee met het in beeld zetten van een wrede dood van Jozef. Hij kan moeilijk toegeven aan zijn broers nadat hij het verhaal gehoord heeft van de verkoop als slaaf dat hij het daar niet mee eens is. Het kwaad is geschied en is niet meer omkeerbaar. Hij voelt zich in snelheid genomen door zijn broers. Toch kan hij niet ontkennen dat hij het idee opperde om Jozef in een kuil te gooien en dat hij niet duidelijk ingegaan was tegen de meerderheid van zijn hardvochtige broers die Jozef wilden uit de weg ruimen. Zijn troost en deze van Juda kan zijn dat Jozef nog leeft. Maar dit kunnenbuitensporig,ander gedrag en normen,vals alibi,shalom,ruben,bedrog,dekmantel,onomkeerbaar kwaad,hardvochtige broers,geitenbok,bewijsmateriaal,veelkleurige mantel,verhalen die een mens kunnen veranderen ze niet vertellen aan hun vader want deze zou er alles aan doen om Jozef terug te halen en dat willen tien van de elf broers niet.

Het kleed dat symbool stond voor de kwaliteiten van Jozef wordt nu opeens de drager van een vals bewijs. Ze besmeuren het kleed met het bloed van een geitenbokje. Jozef was de zondebok die hun materiële rijkdom in de weg stond. Als verweer stellen ze een nieuw verhaal samen om het vermoeden van hun vader op te wekken dat Jozef niet meer leeft. Het bedrieglijk bewijsmateriaal moet laten dat blijken dat Jozef nergens meer te vinden zal zijn. Het enige wat vader Jakob overblijft, is dat bebloede kleed waarvan ze beweren dat ze het hebben gevonden. Jakob zal hier pijnlijk bedrogen worden met behulp van een geitenbokje. Zoals Jakob zelf ook zijn vader Isaak een geitenbokje te eten gaf in plaats van wildgebraad toen hij de zegen van het eerstgeboorterecht ontfutselde2.

De verkoop van Jozef als slaaf werd met valse bewijzen verstopt om hun eigen voorspoed in de hand te werken en om de straffen van hun vader te ontlopen. Ze houden helemaal geen rekening met de diepe smart die hun toneelvoorstelling bij Israël zal teweeg brengen als hij het bewijs zal zien dat zijn zoon verscheurd is en opgevreten is door wilde dieren. Alleen zijn veelkleurige mantel kan nu nog Jakob herinneren aan de tijd dat hij samen met zijn zoon met de hoop op een grootste toekomst de verhalen vertelde die de Hebreeuwen al generaties doorvertelden. Het waren die verhalen die een mens zo anders maakten. Besneden van hart waren ze. Ze waren onbegrepen zonderlingen in een samenleving waar andere normen van tel waren. Israël zal diep bedroefd zijn.

 

1 zie bijdrage: Jozef is buitensporig en valt buiten de normen van zijn broers.

2 Genesis 27,5-29.