13 oktober 2017

Ruben krijgt een vals alibi aangereikt van zijn broers

De negen zonen van Jakob zoeken een antwoord voor Ruben op zijn vraag wat hij nu moet doen. Genesis 37,31-32: 31 Zij namen het prachtige kleed van Jozef, slachtten een geitenbokje en doopten het kleed in het bloed. De verdwijning van Jozef moest op de een of ander manier verwittigd worden aan Jakob. Jakob wachtte immers op Jozef en op zijn verslag over het "shalom"1 van zijn elf broers en de kudden.

Samen met Ruben, die een vervloeking en uitsluiting vreesde door zijn vader omdat hij de verantwoordelijkheid voor zijn jongere broer niet had opgenomen, zoeken de broers een dekmantel om de behandeling en de verkoop van Jozef als slaaf te verbergen. Hen mag geen schuld treffen. Ze willen alleen maar materieel beter worden door de verdwijning van Jozef en vrezen een bestraffing als de waarheid zou gekend zijn. Ruben wordt betrokken bij het bedrog en schaart zich daardoor aan de kant van zijn overige broers. Hoe hij ook de goede bedoeling gehad heeft om Jozef naar zijn vader terug te brengen, loopt hij nu mee met het in beeld zetten van een wrede dood van Jozef. Hij kan moeilijk toegeven aan zijn broers nadat hij het verhaal gehoord heeft van de verkoop als slaaf dat hij het daar niet mee eens is. Het kwaad is geschied en is niet meer omkeerbaar. Hij voelt zich in snelheid genomen door zijn broers. Toch kan hij niet ontkennen dat hij het idee opperde om Jozef in een kuil te gooien en dat hij niet duidelijk ingegaan was tegen de meerderheid van zijn hardvochtige broers die Jozef wilden uit de weg ruimen. Zijn troost en deze van Juda kan zijn dat Jozef nog leeft. Maar dit kunnenbuitensporig,ander gedrag en normen,vals alibi,shalom,ruben,bedrog,dekmantel,onomkeerbaar kwaad,hardvochtige broers,geitenbok,bewijsmateriaal,veelkleurige mantel,verhalen die een mens kunnen veranderen ze niet vertellen aan hun vader want deze zou er alles aan doen om Jozef terug te halen en dat willen tien van de elf broers niet.

Het kleed dat symbool stond voor de kwaliteiten van Jozef wordt nu opeens de drager van een vals bewijs. Ze besmeuren het kleed met het bloed van een geitenbokje. Jozef was de zondebok die hun materiële rijkdom in de weg stond. Als verweer stellen ze een nieuw verhaal samen om het vermoeden van hun vader op te wekken dat Jozef niet meer leeft. Het bedrieglijk bewijsmateriaal moet laten dat blijken dat Jozef nergens meer te vinden zal zijn. Het enige wat vader Jakob overblijft, is dat bebloede kleed waarvan ze beweren dat ze het hebben gevonden. Jakob zal hier pijnlijk bedrogen worden met behulp van een geitenbokje. Zoals Jakob zelf ook zijn vader Isaak een geitenbokje te eten gaf in plaats van wildgebraad toen hij de zegen van het eerstgeboorterecht ontfutselde2.

De verkoop van Jozef als slaaf werd met valse bewijzen verstopt om hun eigen voorspoed in de hand te werken en om de straffen van hun vader te ontlopen. Ze houden helemaal geen rekening met de diepe smart die hun toneelvoorstelling bij Israël zal teweeg brengen als hij het bewijs zal zien dat zijn zoon verscheurd is en opgevreten is door wilde dieren. Alleen zijn veelkleurige mantel kan nu nog Jakob herinneren aan de tijd dat hij samen met zijn zoon met de hoop op een grootste toekomst de verhalen vertelde die de Hebreeuwen al generaties doorvertelden. Het waren die verhalen die een mens zo anders maakten. Besneden van hart waren ze. Ze waren onbegrepen zonderlingen in een samenleving waar andere normen van tel waren. Israël zal diep bedroefd zijn.

 

1 zie bijdrage: Jozef is buitensporig en valt buiten de normen van zijn broers.

2 Genesis 27,5-29.

11 oktober 2017

Ruben kan zijn plan niet uitvoeren.

De verkoop aan de Ismaëlieten was gesloten en de Midjanitische kooplui hadden deze rendabele klus geklaard voor de broers van Jozef. Wat de broers van Jozef kregen in ruil en wat er eventueel nog verhandeld werd, staat niet beschreven. We weten volgens de Naardense vertaling alleen dat de Midjanieten Jozef verkochten voor twintig stukken zilver. De zonen van Jakob kunnen dit zilver gekregen hebben maar het is even waarschijnlijk dat ze als ruil handelswaar kregen die de Midjanieten hadden verworven in hun contacten met rondtrekkende karavanen. Ze handelden immers met de stammen die ze onderweg bezochten. Die Midjanieten waren toch handelaars. Genesis 37,29: 29 Toen Ruben weer bij de put kwam en merkte dat Jozef er niet meer in zat, scheurde hij zijn kleren. Ruben ging stiekem alleen naar de put. Zonder twijfel was Ruben afwezig bij de afspraak om Jozef te verkopen. De andere hardvochtige broers hadden, toen Ruben er niet was, dit beslist tijdens het gezamenlijk avondmaal bij het zien van de karavaan van de Ismaëlieten in de verte. Het dumpen van Jozef in de put is een afgewerkt feit. Die maaltijd in vers 25 die onmiddellijk volgt na het dumpen van Jozef in de put hoort eigenlijk bij het zien van de handelskaravaan. Tussen het achterlaten van Jozef en de maaltijd is enige tijd verlopen waar de broers hun dagelijkse activiteiten verderruben,midjanieten,ruilhandel,verkoop voor twintig zilverstukken,handelaars,jozef uit de put,juda stelt verkoop voor,steen wegtrekken,ruben verantwoordelijk,kleren scheuren,zorgplicht van oudste broer uitvoerden. Nadien zaten ze samen te eten en Juda, die de dood van hun broer ook deze keer wou verhinderen, formuleerde het voorstel van de verkoop als slaaf. Ruben was, nadat Jozef in de put gegooid werd, een eigen weg gegaan om andere dingen te doen. In de Naardense vertaling lezen we dat Jozef uit de put geklommen. We mogen dan ook veronderstellen dat de put waarin Jozef geworpen werd niet zo diep was en afgesloten werd door een grote steen die niet kon weggeduwd worden door één persoon. Zo kon Jozef niet ontsnappen. Daarom is het mogelijk dat Ruben materiaal en trekdieren of dienaren is gaan zoeken om die steen toch weg te halen. Of het op dit moment zijn bedoeling was om te informeren naar de toestand van Jozef of om hem eten te bezorgen omdat hij zou overleven is niet duidelijk. De uiteindelijke bedoeling van Ruben, als oudste en verantwoordelijke zoon, die we kennen uit het voorgaande, was zuiver. Hij wou Jozef teruggeven aan zijn vader. Daarom zou het best mogelijk zijn dat hij de voorbereidingen genomen heeft om met Jozef naar Hebron te vertrekken in de plaats van aan te zitten en te genieten van een maaltijd terwijl zijn jongere broer zijn eerste honger zou voelen in die droge put waarin hij gevangen zat.

Jozef zit echter niet meer in die put. Wat kan er met de jongen gebeurd zijn? Als teken van onmacht, protest, rouwbeklag en verontwaardiging scheurt Ruben zijn kleren1. Hij had alles anders gepland omdat hij bekleed was met de verantwoordelijkheid voor zijn broer maar hij kon deze zorgplicht niet meer waar maken. Zijn plannetje kwam niet overeen met de onstuitbare genade van de Ene, die menselijke onvolkomenheid ten goede wendt. Jozef is niet dood, hij leeft en is uit de put. 

 

1 Genesis 37,34; Jozua 7,6; Rechters 11,35; 1 Samuel 28,17; 2 Samuel 13,31; 1 Koningen 21,27; 2 Koningen 5,7; 2 Koningen 6,30; 2 Koningen 19,1; 2 Koningen 22,11; 2 Kronieken 34,19; Ester 4,1; Job 1,20; Jesaja 3,1...

05 oktober 2017

Jozef zit in de put met zijn dromen.

De wijze waarop Jozef zou verdwijnen uit het zicht was nu door alle broers afgesproken. Genesis 37,23-24; 23 Zodra Jozef bij zijn broers kwam, trokken zij hem het kleed uit, het prachtige kleed dat hij droeg, 24 grepen hem vast en wierpen hem in de put. De put was leeg en er stond geen water in. De spanningen binnen een gezin tussen de broers is een thema dat we al kregen in Genesis. Het zijn verhalen die uit het leven gegrepen zijn en die daarom inzichten kunnen geven die sterk inwerken op de levenswijze van de Hebreeuwen. Bij de eerste broers uit de Bijbel, Kaïn en Abel, leidde die spanning in Genesis 4 tot een broedermoord. Het beeld van het bloed dat de aarde doordrenkt en schreeuwt om gerechtigheid geeft aanleiding tot een beschouwing over het vergieten van bloed dat niet ongestraft blijft1. Dit is blijkbaar ook het argument waardoor Ruben zijn broers kan overhalen om Jozef niet eigenhandig te vermoorden. Juda geeft aan dat ze hun broer Jozef niet mogen vermoorden. Als hij nu in die droge put geworpen wordt zal hij sterven aan ontbering maar vermoorden ze hem niet. Ze laten hem doodgaan. Ze laten hem verdwijnen en stoppen hem onder de bodem.

Zij nemen zijn kleed af. Dat kleed was hun eerste wrevel. Voor hen was dit kleed het teken dat Jakob meer van Jozef hield dan van hen en dat maakte hen afgunstig. Dit materieel teken wordt hem ontnomen maar dit verandert niets aan de opvoeding van Jozef. Dit kleed stond voor de manier waarop Jozef in het leven stond. Deze levenshouding had hij te danken aan de vele opvoedende verhalen die zijn vader hem vertelde. Jozef blijft besneden van hart. In de kerkerput geraakt ook Jozef zijn vatbaarheid voor bovennatuurlijke dromen niet kwijt. De persoonlijkheid van Jozef is niet weg te nemen hoewel zijn leven onder druk staat. Het zou triestig jozef in een put,ruben,jaloers,bedreigd,oudste zoon geen invloed,israël,ismaël,besneden van hart,esauzijn dat zo'n man verloren gaat voor de wereld.

Ruben had er wellicht voor gezorgd dat Jozef in een droge put werd gegooid. De bedoeling van Ruben was Jozef terug te bezorgen aan zijn vader. De put was de oplossing om tegemoet te komen aan de drijfveren van de broers die Jozef naar het leven stonden. Ze voelden zich bedreigd in hun manier van leven en hun aanspraken op de eigendomen van Israël. Ruben als eerstgeborene toont aan dat hij ook een goede instelling heeft. Hij kan echter als oudste zoon onvoldoende invloed uitoefenen op zijn broers om Jozef ongemoeid te laten. Of dit te maken heeft met zijn het verlies van zijn deugdzaamheid door het ongeoorloofd seksueel gedragen met de bijvrouw van zijn vader is niet uitgesloten. Hij is niet onbesproken. In die andere verhalen over broers in de Bijbel wordt toch ook telkens een bovennatuurlijke keuze gemaakt die niet evenredig is aan het echte recht van de eerstgeboren op basis van de manier ze in het leven staan. De norm is telkens het al dan niet besneden zijn van hart. Ismaël had geen respect voor zijn jongere broer en verkoos een ongebonden leven2. het leven van Esau werd bepaald door de jacht op wild en op vrouwen3. Ze waren beiden niet klaar om de verantwoordelijkheid op te nemen voor het volk van de Ene, de stam van Israël.

 

1 Genesis 9,6.

2 Genesis 21,9-10 en Genesis 16,12.

3 Genesis 25,27 en Genesis 26,34-35.