19 februari 2014

Het zweven van de roe’ach.

Het Hebreeuwse roe’ach werd vertaald door “adem”, “wind” en “geest”. Ook het zweven zweven van de roe'ach,wind,geest,adem,zweven,vegen,drijven,wervelen,jagen,poëtische benadering,Deuteronomium 32 10,specale zweven van de arend,behoedend zweven,bewarend zweven,zorgzame aanwezigheid,geen gevecht voor suprematie,werd op verschillende manieren geïnterpreteerd in de aangehaalde teksten. We lezen over zweven, vegen, drijven, gedragen zijn maar ook over in beweging brengen, wervelen en jagen. Als we op dezelfde golflengte van de Bijbelse geschriften willen blijven, is het aan te raden dat we eens zoeken naar een tekst die dit zweven ook gebruikt in ongeveer dezelfde context. We hebben geluk want in de boeken van Mozes vinden we al een poëtische benadering die we kunnen plaatsen in gelijkaardige omstandigheden. Het beeld van de geest van God die zweefde, wordt er beschreven met een mooie vergelijking uit de natuur. Deuteronomium 32,10-12: Hij vond het (zijn volk) in een dorre woestijn, in een niemandsland vol van gevaar. Hij omringde het met zorg en met liefde, koesterde het als zijn oogappel. Zoals een arend over zijn jongen waakt en voortdurend erboven blijft zweven, zijn vleugels uitspreidt en zijn jongen daarop draagt, zo heeft de Heer zijn volk geleid, hij alleen: geen andere god stond hem bij.

Als we dit poëtische beeld verder uitwerken en tot ons laten doordringen, merken we een speciale gevoelswaarde in dat zweven. Als we over God en het transcendente spreken kunnen we niet anders dan beelden gebruiken om ons vermoeden duidelijk te maken. De Bijbel reikt ons veel van die beelden aan. Hier zien we in onze verbeelding de arend licht trillend tegen de blauwe lucht hangen. Dan merken we dat het dier zijn jongen in het hoge nest tegen de rotswand met de scherpte van zijn zicht nauwkeurig in het oog houdt.zweven van de roe'ach,wind,geest,adem,zweven,vegen,drijven,wervelen,jagen,poëtische benadering,Deuteronomium 32 10,specale zweven van de arend,behoedend zweven,bewarend zweven,zorgzame aanwezigheid,geen gevecht voor suprematie, Als er iets dreigt fout te gaan duikt de arend ter hulp. Is een van de jong te onstuimig bezig met het uitstrekken van de vleugels dat het uit het nest valt, dan duikt de arend naar beneden en vangt het jong op haar vleugels op en brengt het terug in het veilige nest. Beschermend, behoedend, bewarend zweeft de arend boven het nest van haar jongen. Zo zweeft de adem van God, de geest van God of de wind van God over de duistere wateren. We voelen duidelijk dat daar een plan achter zit, dat er binnenkort iets staat te gebeuren en dat het ten gunste van de mens zal zijn. De vergelijking zweven van de roe'ach,wind,geest,adem,zweven,vegen,drijven,wervelen,jagen,poëtische benadering,Deuteronomium 32 10,specale zweven van de arend,behoedend zweven,bewarend zweven,zorgzame aanwezigheid,geen gevecht voor suprematie,die Mozes ons presenteert, wordt zo doorgetrokken van het chaotische begin van het ontstaan van de wereld naar het ontstaan van de Joodse samenleving. Ook dit begin speelt zich af met als achtergronddecor het woeste en het onherbergzame, de woestijn. Gedurende die woestijntijd wordt de zorg van Jahweh - want die zinvolle naam heeft de godheid gekregen net voor de woestijntijd - zo bezongen in het danklied vanzweven van de roe'ach,wind,geest,adem,zweven,vegen,drijven,wervelen,jagen,poëtische benadering,Deuteronomium 32 10,specale zweven van de arend,behoedend zweven,bewarend zweven,zorgzame aanwezigheid,geen gevecht voor suprematie, Mozes. Mozes kon in die tijd God voorstellen als een God die er is en die er zal zijn voor zijn volk. Zo kunnen wij ook de aanwezigheid van de god van het scheppingsverhaal als een zwevende en zorgzame aanwezigheid ervaren. Dit beeld is toch veel mooier dan een God die zijn kracht ontketent tegen de goden van de diepe duisternis. Geen gevecht om de suprematie zoals in de verhalen van de nabijgelegen gebieden van Israël maar een zorgzame en liefdevolle god die als Allerhoogste alleen bekommerd is voor het goed van de mens.

 

Dat dit zweven van God over de “wateren” is hoeft geen verdere uitleg want we hadden het eerder al over die “oervloed”, de tehom. In een later vers komen we dan nog eens terug op de “zeeën”. 

25 juli 2013

Een scheppingsverhaal van de Okonoga indianen

de oude,opdrachten worden gegeven zoals een opperhoofd doet,absolute oude,aarde heeft vrouwelijke eigenschappen,de aarde verandert in alles wat te zien was,grond,rotsen,wind,het vlees van de vrouw diende om mensen en dieren te maken,dieren konden spreken,een ideaalwereld en een echte wereld,respect voor de natuur,In het begin was de aarde een mens. De Oude had de aarde immers uit een mens ge­maakt. De oude indiaan is een beeld dat telkens gebruikt wordt als er kennis moet doorgegeven worden aan de kleinkinderen. Met veel respect en aandacht luisteren ze naar zijn verhalen. Maar hier gaat het over de absolute Oude, de vader van alles, die alles weet en alles ingang heeft gestoken. Die Oude gaf een duidelijke opdracht aan de aarde en zei: “Je zult de moeder zijn van alle mensen.” De aarde was dus een levend wezen met vrouwelijke eigenschappen. Haar lichaam leverde de componenten om de samenstelling van de aarde en wat er op groeit te realiseren. De moeder van alle mensen transformeert zich en de huid werd de begane grond, haar beenderen de rotsen en stenen, haar adem werd de wind, en haar haar werden het gras en de bomen. Toen ze zich bewoog, beefde de aarde. Een herkenbaar fenomeen in de regio van de Indianen zowel in Midden als Zuid- Amerika, door de tektonische verplaatsingen van de Pacific en de oceanische Nazca plaat.

De Oude nam wat van het vlees van de vrouw en rolde er balletjes van. Vervolgens verdeelde hij de balletjes in twee groepen. Van de eerste groep maakt de Oude de voorouders. Enkele voorouders hadden een menselijke vorm. Andere hadden de vorm van dieren die door de velden zwierven, door de lucht vlogen en in zee zwommen. Dede oude,opdrachten worden gegeven zoals een opperhoofd doet,absolute oude,aarde heeft vrouwelijke eigenschappen,de aarde verandert in alles wat te zien was,grond,rotsen,wind,het vlees van de vrouw diende om mensen en dieren te maken,dieren konden spreken,een ideaalwereld en een echte wereld,respect voor de natuur, voorouders had­den allemaal, welke vorm ze ook aangenomen hadden, de gave van het woord, veel kracht en veel vernuft, meer dan de dieren en mensen op wie ze nu qua uiterlijk lijken. Met veel achting moet je dan ook dankbaar zijn voor die voorouders. Van de tijd dat alles goed was en de dieren konden spreken circuleren meerdere sprookjes en verhalen. Is het een heimwee naar vroegere toestanden of een hoop dat dit het ultieme doel is. Of is het een verhaal over een ideeënwereld zoals dat van Plato of noem het een hemel waar alles ideaal is en waarvan het leven op aarde een minderwaardige afspiegeling van is. Maar wat is dan het echte leven? Van de tweede groep maakte de Oude echte dieren en mensen, die hij op de indianen deed lijken. Toen blies hij in deze vormen om hen tot le­ven te wekken. Aldus kwamen alle levende dingen van de aarde. Waar je ook kijkt, je ziet een deel van moeder aarde. Die absolute eenheid met de natuur kan niet anders dan leiden tot een solidair en een respectvol ecologisch gedrag.